Alle bijdragen van Yves Swolfs aan de rubriek De Commentator bundelen we op deze pagina.

Klik verder naar de volgende onderwerpen:
30/05/2015 Yves Swolfs over De Prins van de Nacht 7
 
Yves Swolfs over De Prins van de Nacht 7
30/05
TOP
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 79 van maart 2015.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 10
De Prins van de Nacht 7
Over tien jaar later: "Het was al langer dan tien jaar geleden dat ik Kergan had getekend. Bijkomende moeilijkheid: ik moet er een normale man van maken, geen onrustwekkende vampier met een verweerd gezicht en een bizarre blik. Uiteindelijk ondervond ik er niet al te veel last mee."

Over ambiguïteit:
"Het geheime verlangen van Kergans schoonmoeder is om van haar eigen zoon de opvolger te maken van haar heer. Ze vertolkt een ambigue rol tegenover Kergan die zich bewust is van zijn sensualiteit. Ze moest een harde kant hebben, somber, een zekere vorm van hysterie. Wanneer ik de personages aanvoel, komen de gezichten vanzelf en ze komen overeen met hoe ik ze me inbeeldde."

Over Oedipus: "De diepere springveer in dit album is de mythe van Oedipus. Kergan is zich bewust van de sensualiteit van zijn schoonmoeder. En als hij op het einde van het verhaal zijn in een vampier getransformeerde vvader doodt, wordt hij blind door het daglicht en zitten we middenin het achterliggende onderwerp. Sophie, mijn ex-vrouw, kleurde de eerste zes delen in. Bérengère Marquebreucq nam de fakkel op een andere manier over. Hier voegt de belichting iets toe aan de sensualiteit van de lichamen."

Over gelijkgestemde zielen: "Het harnas van Kergan lijkt een beetje Romeins. De versiersels verschillen, maar de structuren waren dezelfde. Uiteraard zullen lezers geneigd zijn om mijn Barbaren en Romeinen te vergelijken met wat Enrico Marini tekent in zijn serie De Adelaars van Rome. Marini heeft ook een vampiersverhaal getekend... Uiteindelijk zijn we een kransje gelijkgestemden met dezelfde cinematografische referenties, met dezelfde verlangens. Ik heb het niet over een stroming of school, maar veeleer over gemeenschappelijke trends."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 11
De Prins van de Nacht 7
Over stripcodes: "Ik speel het begin en het einde van de flashbackscène uit met twee grotere prenten en twee gezichten. Het is een soort taal die aanleunt bij de film. Op de vorige plaat staan de twee gezichten van Kergan naast elkaar en betreden we zijn gedachten. Op deze plaat staan ze boven elkaar. We keren terug naar het heden. De warme kleuren in de tent breken ook met de inkleuring van het bos en de zonnestralen. Het is een van die verteltechnieken, een van de codes van het stripverhaal, die je altijd moet respecteren zodat de platen duidelijk, leesbaar en interessant blijven."

Over close-ups:
"Ik heb altijd graag gezichten in close-up getekend. Mijn esthetiek komt rechtstreeks van de westerns van Sergio Leone en in het bijzonder Once Upon A Time In The West. Een grote close-up met een expressie blijft de beste manier om emoties van het personage over te brengen aan de lezer."

Over Vanessa Paradis: "Als het gebeurt dat ik een personage niet goed kan visualiseren, laat ik me soms inspireren op de film. Daarom kan je Vanessa Paradis meteen herkennen op de cover van Het Dagboek van Maximilien. Ik amuseer me soms door voorbereidende schetsen te maken die altijd kunnen dienen als bonus voor speciale uitgaven."

Over personagefiches: "Anderzijds, maar dan enkel voor persoonlijk gebruik, stel ik een soort fiche op voor elk nieuw personage, met vooraanzicht, zijaanzicht, driekwartaanzicht en twee of drie tekeningen van het personage met enkele aanwijzingen over belangrijke kenmerken. Ik teken altijd de platen in volgorde en met een volledig uitgewerkt scenario, inclusief de tekstballonnen. Waar nodig corrigeer ik het ritme en de dialogen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 12
De Prins van de Nacht 7
Over actiepagina's: "Na twee pagina's met verhitte discussies volgen er twee sombere pagina's met actie. Dat is nodig, maar het zijn nooit meer dan zomaar wat avonturen in een verhaal. Ik vermijd dus om er meer dan twee pagina's van te maken. En ik concentreer de actie maximaal. Het moet pittig zijn, sprekend, zo spectaculair mogelijk. Ik probeer nooit te vergeten dat je voldoende zaken moet vertellen op de 46 pagina's voor het plezier van de lezer. En die moet zich niet laten wegdrummen door actiescènes."

Over inserts (kleinere beelden op grotere):
"In mijn twee platen speel ik met inserts. Ze maken de scène levendiger en spontaner. Onderaan schiet er een pijl in een personage en kijkt Kergan naar boven waar het schot vandaan kwam. De twee inserts geven de indruk dat de twee acties simultaan gebeuren. Het is heel wat nerveuzer."

Over vertraging door papierschaarste: "De schaarste aan goede papiersoorten is er gedeeltelijk de oorzaak van dat ik vertraging opliep met dit album. Ik was gek op Schoellerpapier zolang het in Engeland werd gefabriceerd. Het verdroeg heel goed mijn nogal hevige aanvallen met het penseel. Daarna werd Schoeller overgenomen,. Door een gedaalde vraag, omdat meer en meer tekenaars op het scherm werken, fabriceren papierbedrijven mindere kwaliteit."

Over meneer Canson: "Ik heb gelachen toen ik op een internetforum een officiële vraag aan 'meneer Canson' las met het verzoek om een papiersoort te maken dat echt geschikt is voor striptekenaars. Ik denk niet dat het er van kwam. Maar als we ons hoe dan ook met grote getale verenigen om zoiets te bekomen..."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 13
De Prins van de Nacht 7
Over aangename scènes om te tekenen: "Actiescènes in het algemeen en gevechtsscènes in het bijzonder, met grote landschappen en ruiters, zijn het aangenaamst om te tekenen. Ik zeg niet dat ze het eenvoudigst zijn. Ik heb die alleszins liever dan een praatscène met verschillende personages."

Over de eerste zorg:
"Bij het herlezen constateer ik dat ik voor deze actiescène de gezichten en hun expressies wel heb verzorgd, maar me minder heb toegelegd op de details. Mijn eerste zorg is dat het geheel mooi oogt."

Over stoppen (en herbeginnen) met tekenen: "Daarom zal ik mijn hand te rusten leggen en het tekenen laten voor wat het is. Dat idee had ik al sinds Vlad. Maar het tekenen hoorde nog te veel bij mijn dagelijks leven. Bij het bekijken van deze plaat bedenk ik me dat het een van degene is die me op een dag ongetwijfeld het plezier weer zullen geven om het potlood opnieuw ter hand te nemen. Als de context van mijn leven niet was veranderd — noch het papier! — zou ik misschien geen zin hebben in een pauze. Maar ik voel de behoefte om een wat ander leven te leiden. Om nieuwe zaken te ontwikkelen. Andere verhalen lanceren die in mijn hoofd sluimeren en die niets te maken hebben met mijn drie huidige series. En ik kan me voorstellen dat ik door geruime tijd niet meer te tekenen dermate gefrustreerd zal geraken dat ik met tien keer meer plezier mijn potlood herneem!"

Over de overgang: "De twee laatste prenten zijn een belangrijke overgang in het album. Het moment dat het net over zijn hoofd valt, kantelt het bestaan van Kergan. Deze prenten zijn symbolisch. Links is hij nog een geduchte krijgsheer. Een fractie van een seconde later is hij niets meer."