Alle bijdragen van Sylvain Vallée aan de rubriek De Commentator bundelen we op deze pagina.

Klik verder naar de volgende onderwerpen:
27/02/2016 Sylvain Vallée over Er Was Eens 6
13/10/2012 Tekenaar Sylvain Vallée en Fabien Nury wisselen elkaar af om enkele platen uit Er Was Eens deel 4 van commentaar te voorzien.
 
Sylvain Vallée over Er Was Eens 6
27/02
TOP
Onderstaande bijdrage van Damien Perez verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 52 van oktober 2012.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 18
Er Was Eens 6
Over de kandelaar: "De kandelaar met de zeven armen komt in verschillende scènes voor. Het is het symbool van Josephs verloochening van zijn jodendom en het conflict met Eva. Door er de focus op te leggen, herinneren we de lezers aan die beruchte scènes en laten we hen opnieuw denken aan de afwijzing, het centrale gegeven in de relaties tussen Joseph en zijn dochters. De tekstloze prenten zijn van belang in een serie waarin de ritmevariaties essentieel zijn om emoties over te brengen. We vroegen twee extra pagina's om sommige scènes die een tekstloze vertelling op één pagina vereisen beter te kunnen ontwikkelen."

Over verticale close-ups: "De close-ups in de prenten 6 tot 8 zijn een van de kenmerken van de serie. Ze geven een onmiddellijk begrip van de gevoelens weer en ze accentueren het drama. Mijn grootste voldoening bestaat erin de emoties van de personages goed over te brengen. Ook al vergt dat soms meerdere voorstudies! Door de verticale kaders kan je verstilde momenten sneller afwisselen."

Over het verouderingsproces: "Ik wist dat ik de personages ouder moest tekenen. Foto's van Joseph hebben me geholpen. Ik heb er die dateren uit de jaren 1940 en 1950 en zelfs enkele foto's van zijn hongerstaking in 1960! De lezer moet doorheen de serie een evolutie aanvoelen zonder grote overgangen. Vandaar het idee om hem in de gevangenis gel voor zijn haren te laten gebruiken (een gewoonte onder bajesklanten), zijn dubbele kin geleidelijk aan te accentueren of vanaf een bepaald moment rimpels rond zijn neus te tekenen, enzovoort. Idem voor alle andere personages."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 19
Er Was Eens 6
Over verbaal en fysiek geweld: "Een tafereel dat zich binnenskamers afspeelt, bijna theatraal, als in een drama van William Shakespeare. We concentreren ons op het verbale geweld waarbij het decor wordt afgezwakt om opnieuw te verschijnen wanneer het geweld fysiek wordt. Geen van de personages mocht uit het blikveld van de lezer verdwijnen, ze zijn allen getuige van het geweld tussen vader en dochter waar hij de dupe van wordt."

Over betrokkenheid: "Een van de weinige keren dat ik een onomatopee gebruik. De strip is mijn favoriete kunstvorm, maar mijn wens bestaat erin de lezer te doen vergeten dat hij pagina's van een album moet omslaan. Ik wil dat hij betrokken wordt bij de gebeurtenissen. Vandaar mijn gewoonte om stripregeltjes toe te passen die soms truukjes zijn of sluipwegen om het beter te doen begrijpen of om de emoties kunstmatig te benadrukken. De kadrage van de laatste prent en zelfs de vorm van de glasscherven richten het oog naar de politiemannen. Dat heet de compositie van een beeld. Het is natuurlijk, maar beredeneerd voor elke prent in functie van de gebeurtenissen."

Over passie: "Fabien (Nury, red.) en ik hebben met veel emotie afscheid genomen van die 'goede mijnheer Joseph' en we hopen dat dit ook het geval is voor onze lezers. Ik deel de mening van Fabien. Het is moeilijk om zo'n personage volledig te doorgronden. Moet je Joseph beoordelen op moreel vlak? Emotioneel vlak? Historisch vlak? Hoe dan ook houden we van ons fictief personage, anders zouden we niet zo graag met passie dit verhaal verteld hebben. Ons gevoel is natuurlijk niet hetzelfde voor de echte Joanovici."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 20
Er Was Eens 6
Over de afwijzing: "De afgewezen Joseph draagt het gewicht van de schande, van de pijn en kruipt terug in zijn hoek zoals een overwonnen bokser. Het is dus logisch dat we zijn gezicht niet zien. Hij vertrekt voorgoed en keert zijn rug naar zijn dochters toe."

Over hoedjes en sjaaltjes: "Wanneer Lucie zich sterk opstelt, heb ik de neiging om haar eleganter te maken, verleidelijker en door haar dus een hoed te laten dragen. Wanneer ze zwak staat, geef ik haar een sjaaltje. Het is meer een kwestie van aanvoelen dan berekend."


Over striptaal: "Thérèse is een kopie van Eva, haar moeder. Zij incarneert de voortzetting van de familievloek van Joseph en dat moet overkomen in de tekeningen. Ik speel met het uiterlijk van onze personages om hun natuur te suggereren, de gevoelens die ze uitlokken te steunen, of hen op valse sporen te brengen. Dat maakt deel uit van de striptaal. De aanwezigheid van Hélène op de voorgrond van prent 5 accentueert het lichte kikvorsperspectief en brengt de plaat met zijn voorgronden links en rechts in evenwicht. De lezer zal haar niet vergeten. De afwezigheid van het decor versterkt de emoties. Ik wilde geloofwaardig en correct blijven, niet door emoties te overdrijven."

Over weerstand: "Fabien, ikzelf en onze uitgever wisten dat ons onderwerp een waar potentieel had, maar ik had nooit de omvang van het succes verwacht! We lanceerden een zesdelige reeks waar we zes jaar over zouden doen, gemaakt door twee auteurs, in plaats van dikke one-shots en series met meerdere auteurs om de albums op korte termijn te laten verschijnen. Het publiek lijkt toch nog gevoelig te zijn voor sommige beloftes over de kwaliteit. Op voorwaarde dat ze gerespecteerd worden. Je moet weten te weerstaan aan trends en aan slechte gewoonten."


Sylvain Vallée en Fabien Nury
over Er Was Eens 4
16/10
TOP
Onderstaande bijdrage van Bertrand Dicale verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 31 van november 2010.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 33
Fabien Nury over de ogen: "De lezer ontdekt de Duitse barricade door de ogen van Joanivici. Je zou de spanning die dat in hem teweegbrengt gewaar kunnen worden."

Sylvain Vallée over de kadrage: "De kadrage door de voorruit met de handen op het stuur is interessanter dan de zandzakjes, de uniformen, de wapens, de documentatiereferenties naar het verleden."

Fabien Nury over het standpunt: "Het scenario staat vol met 'gezien door de ogen van' terwijl het decor zelden omschreven staat. Maar het standpunt in een scène is voor ons dikwijls van meer belang dan wat er allemala te zien is."

Sylvain Vallée over authenticiteit: "Ik heb geen authentieke kaart gevonden van de Franse Gestapo. Het essentiële bestond erin om de geest van dit soort kaart uit die tijd te vinden en dat het geloofwaardig oogt. Als je iets niet vindt, bedenk je het op basis van verschillende bestaande authentieke documenten. Ik heb me gebaseerd op meerdere politiekaarten uit die tijd. Maar de geloofwaardigheid zit 'm vooral in de reactie van de Duitse soldaat!"

Sylvain Vallée over documentatie: "Documentatie is nodig, maar drijf het niet te ver of anders heb je voor elke lijn die je trekt deze of gene foto nodig. Documentatie is onvermijdelijk want een Traction Avant teken je niet zomaar uit het blote hoofd. Maar je moet het tijdig aan de kant kunnen leggen om de tijdsgeest te begrijpen. Op prent 5 bijvoorbeeld had ik geen vogelperspectief van een Traction. Ik heb het dan maar samengesteld op basis van verschillende foto's. Als ik te trouw blijf aan een foto, loop ik het risico om de personages te stijf te maken want ik zou trouwer bijven aan de fysionomie dan aan de intentie van het moment."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 34
Fabien Nury over de ironie: "De beruchte wapens van het verzet zijn verborgen in een bezet gebouw van de nazi's! Dit deel barst van dergelijke ironische situaties."

Sylvain Vallée over de nadenkende toeschouwer: "Hij drijft me meer de richting uit van een verteller dan van een tekenaar. Alles is gericht op actie en emotie. Een prent dat vol staat met historische elementen genereert vaak een weerspiegeling van het beeld. Je staat hier niet zozeer met het personage in het ritme van het verhaal, maar wel als een toeschouwer die nadenkt over de stijl en het beeld."

Fabien Nury over het collectief geheugen: "De teklening suggereert en de lezer vult de rest in met zijn visuele kennis over het tijdperk. We gaan ervanuit dat de lezers films, tv-films, documentaires of foto's hebben gezien over de periode... Dit verhaal doet een beroep op hun verbeelding en hun collectieve geheugen. We tonen hen dat niet alles is zoals de beelden die ze van de stad Épinal hebben gezien."

Sylvain Vallée over de voorsprong: "Joanovici is de anderen altijd een straatlengte voor. Terwijl de anderen de overwinning vieren, denkt hij al aan hoe hij de komst van de Amerikanen zal opvangen."

Fabien Nury over de tijdspanne: "De twee laatste prenten vertellen ons dat er nog veel lekken zijn waar men over weet zelfs al zijn de getuigen geëxecuteerd. Hij weet dat het spel nog niet is gespeeld. In dit album, en vooral op deze pagina's, gaat alles wat zich maand na maand afspeelt vooraf aan wat er zich dag na dag en zelfs uur na uur afspeelt. Het album speelt zich over een periode van ongeveer twee maanden af terwijl de delen 2 en 3 een tijdspanne van twee jaar hebben."
 


COMMENTAAR BIJ PAGINA 35
Fabien Nury over de climax: "Een lied kan een andere betekenis hebben door het moment of de plaats waar het wordt gezongen. Hier kan je de Marseillaise begrijpen op het eerste niveau. Bij welke periode in onze geschiedenis kon de strofe 'Contre nous de la tyrannie, l'étendard sanglant est levé' (Wij tegen de tirannie, we heffen de bebloede standaard) nog meer waar zijn? En wat die 'féroces soldats' (meedogenloze soldaten) betreft, wel, daar staan ze. Op dezelfde manier als wat er tevoren met de monniken en de abt gebeurde, creëen de twee personages met hun lied een spiegeleffect: het is dankzij hen dat we de sombere, egoïstische en duivelse kant van Joanovici zien. Op de vorige pagina merk je dat hij aan iets denkt, en dat is aan het lot van de geofferden, zij die niet doen wat ze moeten doen om te overleven. Het dubbelspel van Joseph Joanovici vindt hier zijn climax."

Fabien Nury over het patriottisme: "Is dit nu een patriottisch verhaal? Die vraag stellen we niet. Dat is veeleer een kwestie van aanvoelen en instinct: nu ze een graf hebben gegraven, nemen de twee mannen elkaars hand en de sodaten vragen naar hun laatste woorden. Eenvoudige mensen drukken dikwijls hun emoties uit via gezang en de Marseillaise is emotioneel heel sterk. Dat leek ons een onbezonnen evidentie."

Fabien Nury over het schot te veel: "De officier brult: hij kan het lied niet aanhoren. En hier zit iets vernieuwends in de bladschikking van Sylvain. Ik beging de fout om in het scenario van deze plaat een BLAM te zettn bij een tweede schot. Maar dat heeft hij gewist. We weten wat er zal gebeuren, het is niet nodig dat te laten zien. Het vervolg van het gezang op de volgende pagina drukt het falen van de nazi's uit om hen het stilzwijgen op te leggen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 36
Sylvain Vallée over de manier van vertellen: "Een andere, meer klassieke manier van vertellen, zien we hier. Hier moet de moed van het verzet voelbaar zijn. Hun vastberadenheid spreekt uit de piramide die ze vormen in prent 3. De rest van de plaat bestaat uit een opeenvolging van hevige acties die eindigt in een mislukking."

Fabien Nury over de soundtrack: "In een film zou dit een muzikale omlijsting kennen. Nu hebben we eens een tekst van een lied die we kunnen gebruiken voor een soundtrack. Het verhaal is op gang, een groep zet zich in beweging. Maar zoals altijd is er een prent die Joseph Joanovici tegenover een collectieve beweging zet."

Fabien Nury over de armband: "Nee, hij vergat zijn armband niet aan te trekken, maar hij is geïsoleerd, hij ziet ze passeren. Hij bevindt zich in de situatie dat hij heel wat verdiensten voor dit alles kreeg, maar hoe dan ook is hij ongerust."

Sylvain Vallée over de trommels: "Het lied stopt in prent 6, het roffelen van de trommels die er normaal gezien op volgt, blijft afwezig in de laatste prent."

Fabien Nury over de ernst van de realiteit: "We zijn oneindig veel meer verknocht aan dit verhaal dan vijf jaar geleden. Hoe meer we eraan werken, hoe meer het ons raakt. Ik was onlangs overmand door emoties nadat ik de moord op de jonge Scaffa herbeleefde. Dat zou ik me nooit eerder hebben kunnen voorstellen. Het moment dat ik dit verhaal te weten kwam, was hij maar een dode temidden de anderen. In de loop van de jaren is hij integendeel een echte dode geworden, in die mate zelfs dat we de ernst van de realiteit nog meer beseften. Dit verhaal is niet alleen een basis om ermee te spelen, het is gewoon realiteit. Daarom raakt het ons meer en meer."