Alle bijdragen van Ken Broeders aan de rubriek De Commentator bundelen we op deze pagina.

Klik verder naar de volgende onderwerpen:
22/10/2016 Ken Broeders over Apostata VII
10/09/2013 Het nieuws dat Ken Broeders' Apostata V bij Medusa verschijnt, gaat gepaard met een woordje vooraf en een preview. Bij deze...
08/01/2013 Aan de hand van veertien bijzondere illustraties, schilderijen en stripplaten overloopt Ken Broeders in het kort zijn veelzijdige carrière.
26/11/2011 Renata Cornil, de echtgenote van Ken Broeders, bokste een fotoreportage in elkaar met een making of van enkele objecten en decorstukken die Ken Broeders in elkaar knutselt. Het resultaat zal te zien zijn op Strip Turnhout vanaf 10 december. Wat er nu al is te zien, is monumentaal!
25/09/2010 Om het ongeduld van zijn fans te sussen, publiceert Ken Broeders af en toe een los plaatje uit Apostata 3. Recent nog kegen we een afbeelding van een herbergtafereel in Parijs te zien. Voor ons becommentarieert hij enkele historische voorwerpen en gebruiken die in de afbeelding voorkomen. Krijg je bij het lezen van de bijdrage ook zin in een gevulde relmuis, klik dan door naar het recept ervan!
19/06/2010 Van Ken Broeders verscheen het vervolg op Apostata. Om toch nog wat aan niet-evidente zelfpromotie te kunnen doen, zocht hij tussen zijn originelen naar iets waar hij apetrots op is. Het vond iets anders: inmiddels vergeten verfstreken bijvoorbeeld, zoals in een stukje vijver. Zo simpel kan het zijn en het zit 'm daadwerkelijk in de details.
 
Ken Broeders over Apostata VII
19/10
TOP
Apostata
 Mijn Julianussen...
"Wat me altijd aantrok in het maken van Apostata is dat ik een hoofdpersonage had dat een hele evolutie doormaakte. Op betrekkelijk korte tijdspanne moest Julianus leren omgaan en zich aanpassen aan ingrijpende veranderingen. Het gaf me de gelegenheid om die verschillende episodes weer te geven in het uiterlijk van de Caesar.


Apostata
In het begin leren we Julianus kennen als student, naar het hof geroepen door de gevaarlijke keizer Constantius. Julianus is doordrongen van het besef dat zijn onopvallendheid de voornaamste reden is dat hij nog leeft. Hij is jong, gekleed in een eenvoudige bruine tuniek. Je kunt je zo voorstellen dat hij in de keizerlijke paleizen bijna naar de achtergrond verdwijnt.
Die soberheid komt ook voort uit zijn verlangen om het leven te leiden van een filosoof en zijn omgeving met een zekere openheid tegemoet te treden. Hij houdt ervan om mensen toe te spreken als 'waarde vriend', ongeacht wie ze zijn. Maar tegelijkertijd cultiveert hij ook een nauwelijks merkbare afstandelijkheid want hij draagt een groot geheim met zich mee: Julianus heeft zich afgekeerd van het christendom en is een heiden. Dit conflict moet hem erg parten gespeeld hebben.


Apostata
Wanneer hij door de sluwe Constantius tot Caesar van het westen is gepromoveerd, blijft Julianus er een eenvoudige levensstijl op nahouden en tovert zichzelf om tot een gedreven en capabele veldheer. Hij is sterker, zelfzeker en ontdekt tot zijn eigen verbazing dat het militaire leven hem uitstekend bevalt. Tegen de mode in laat hij zijn baard groeien in een poging om meer te lijken op Marcus Aurelius (de filosoof-keizer) en Hadrianus (de soldaat-keizer) voor wie hij een zeer grote bewondering had. Na de dood van zijn vrouw Helena lijkt Julianus steeds meer troost te vinden in een bijna ascetische levenswijze. Hij is magerder en laat zijn haren en baard langer groeien. Hij geeft steeds minder om uiterlijk vertoon.


Apostata
Langzaamaan ontwikkelt Julianus zich tot een politieke vijand van Constantius en zijn soldaten roepen hem uit tot Caesar Augustus. Een bloederige burgeroorlog wordt voorkomen door het overlijden van Constantius. Julianus is nu alleenheerser over het uitgestrekte imperium. Het contrast tussen de keizerlijke hoofdstad Constantinopel en Gallië is groot en de burgers verwachten dat een Caesar Augustus er vorstelijk uitziet.
Julianus draagt nu zijden tunieken versierd met goud en de purperen mantel, maar blijft het leven van een filosoof nastreven. Zijn voorliefde voor eenvoud en zuinigheid maken hem vreemd genoeg niet geliefd bij zijn burgers. Die vinden zijn lange onverzorgde baard en haren een vorm van aanstellerigheid. Achter zijn rug maken ze zich vrolijk over hem en noemen hem 'de geit'.


Apostata
In het afsluitende zevende deel van Apostata heb ik mijn verschillende versies van Julianus samengebracht. We zien hem terug als de jonge weifelende student, als de zelfzekere aanvoerder die zijn leger naar het hart van het Perzische rijk brengt en... ik kon het niet laten om... wel, te laten zien wat had kunnen zijn."


Ken Broeders over Apostata V
10/09
TOP


















Portfolio Ken Broeders
08/01
TOP
Haai
"Ik heb Toegepaste Grafiek gevolgd aan het Sint-Lucas instituut in Antwerpen. En ik kan al meteen opbiechten dat bitter weinig van de opdrachten mij konden boeien. Nu zal dat ongetwijfeld wel mijn eigen schuld geweest zijn, want mijn interesses en die van sommige docenten lagen mijlenver uit elkaar.
Maar af en toe was er toch ineens een opdracht waarbij alles mooi samenviel. En daarom heb ik erg leuke herinneringen aan deze illustratie rond 20 000 Mijlen onder Zee van Jules Verne. Ik was volop bezig met het ontdekken van verf, penselen en kleurgebruik. En het gaf me de gelegenheid om het dier te tekenen dat me mateloos fascineert. Telkens wanneer ik deze illustratie terugzie, heb ik toch wel de indruk dat het me op een pad heeft gezet dat ik nog steeds bewandel."


Oog des Meesters
"Op een of andere manier had ik, dankzij mijn manipulatieve en schijnheilige karakter, het gedaan gekregen dat een argeloze docent me de vrije keuze liet om iets te illustreren. Ik begon dadelijk aan een reeks rond een rollenspel. En ik heb me er niet alleen rot mee geamuseerd maar het was ook een belangrijke ontdekking dat dit soort illustraties een eigenaardig thuiskomen was. Het was nieuw en tegelijkertijd voelde het erg vertrouwd aan."


Spin
"Een belangrijke tekening is dit. Het is een ontwerp voor een enorme spin die ik, samen met enkele trouwe handlangers, zou gaan maken als onderdeel van een decor. En jongens, wat keken we daar naar uit. Onze eigen versie van Shelob... we konden niet wachten. Jammer genoeg, en dat wisten we aanvankelijk natuurlijk niet, had de opdrachtgever een tikkeltje last van arachnofobie. De arme man bekeek de tekening en werd bleek om de neus. Geen spin dus.
Maar ooit komt de dag... En daarom bewaar ik deze prent zorgvuldig."

Baron von Münchhausen
"Als tegengif voor de in mijn ogen althans saaie Sint-Lucas-thema's maakte ik voor mezelf kleine illustraties. Hier vliegt Baron von Münchhausen voorbij op zijn kanonskogel. Ik had min of meer een stijl gevonden die me gepast leek voor een stripverhaal. Terwijl ik dit schilderde, lagen er al een vijftal pagina's van Tyndall in potlood klaar."



Cover Tyndall
"Mijn allereerste cover. Het blijft iets raars, zo'n boekomslag in elkaar boksen. Soms lukt het meteen en andere keren is steeds maar opnieuw beginnen. "


Pagina uit Tyndall
"Dit komt uit de eerste strip die ik gemaakt heb. Het album moest op twaalf maanden afgeraken, wat betekende dat ik het maken van zo'n strip al doende heb moeten aanleren. En daarmee bedoel ik niet alleen het gepruts met scenario's (heel wat afgelachen met Luc Van Peborgh), bladspiegels, personages, plotwendingen, enzovoort, maar ook echt praktische dingen. Welk papier gebruik ik het best? Hoe span ik dat papier op? Is deze verf wel geschikt? Hoe stuur ik mijn teksten door naar de uitgever zodat alles in het juiste tekstkadertje terecht komt? (Dat gebeurde toen nog niet via e-mail.) Ik heb mijn weg moeten zoeken en het eindresultaat, met zijn talrijke gebreken en tekortkomingen, belandde meteen in de stripwinkels. En dus heeft die kleine schare van trouwe lezers mijn verdere ontplooiing eigenlijk rechtstreeks kunnen volgen aan de hand van de verdere albums.
Als ik daar nu op terugblik is dat, in het licht van het huidige uitgeefklimaat, bijna onvoorstelbaar."


Kerst
"Deze prent is eigenlijk begonnen als een schetsje. Een kerstman in zijn onderbroek… ik ben er blijven aan prutsen en het is uiteindelijk een kerstkaart geworden. Een onverwacht resultaat was echter dat mijn vrouw er zodanig door gecharmeerd was dat ik nu ieder jaar zo'n rotkaart moet maken."


Demer
"Af en toe gebeurt dat... je krijgt een tikje op je schouder, je draait je om en daar staat dan een personage. Volledig klaar en gretig om op avontuur te gaan. Het verhaal rond Voorbij de Steen is bedacht tijdens een lange wandeling waarbij Demer als het ware gewoon naast me liep. Het was dan ook erg gemakkelijk om hem diezelfde avond nog op papier neer te zetten."


MDB
"Soms maak je een illustratie die, wanneer je er nog aan bezig bent, iets heeft wat je niet exact kan benoemen, maar waarvan je dadelijk weet dat het werkt. Deze cover voor Het Ei van Oom Trotter van Marc De Bel is er zo eentje. Geen idee hoe dat komt. Ik weet echter wel dat het onmogelijk voor me is om het te herhalen. Daarom maak ik ook nagenoeg nooit schetsen. Want als zo'n schets dat ongrijpbare heeft, krijg je dat nooit in de tekening zelf gevat."


Marc De Bel
"Omdat ik dus bijna nooit schetsen maak, is het altijd raar om er dan eens eentje tegen te komen. Meestal zitten ze verscholen tussen tientallen bladzijden met tekstkadertjes, scenario of documentatie en dan kom je ze pas jaren later terug tegen (inderdaad, ik doe er erg lang over vooraleer ik die stapels papier begin op te ruimen!). En ineens lijken ze dan toch belangrijk genoeg om bij te houden. Het is eigenlijk wel aangenaam om een jeugdboek te illustreren. Maar het werk aan Apostata is zo veeleisend dat ik er geen tijd meer voor vind."


Pagina uit Cyrano
"Deze pagina komt uit Cyrano dat voor mij tegelijkertijd het moeilijkste en leukste album was dat ik al gemaakt heb. Het scenario maken was zeker geen gemakkelijke taak, maar ik vond de figuur Cyrano ongelooflijk inspirerend. De voornaamste reden waarom ik deze pagina zo prettig vind, is dat ik er enkele personages uit Tyndall heb binnen gesmokkeld."


Milius
"Milius uit Apostata. Tijdens het creëren zit ik me dan af te vragen waar hij vandaan komt en wat zijn geschiedenis is vooraleer hij opduikt in de strip. En wanneer mijn tekeningetje dan klaar is, heb ik eigenlijk een redelijk uitgewerkte biografie voor mijn personage en word ik steeds meer vertrouwd met de figuren en de wereld eromheen."


Primigenia
"Dit is een ex-libris voor de Franse uitgave van Apostata. Die uitgave is erg belangrijk voor me. Niet zozeer voor die Franse markt, waar ik eerlijk gezegd nooit veel mee bezig ben geweest, maar omdat Apostata nu eindelijk verschijnt zoals het eigenlijk hoort: in hardcover en op een iets groter formaat.
Ik heb werkelijk geen enkel idee of die Franse uitgave het goed zal doen... maar de boeken hebben cachet."


Master at work:
Achter de schermen van de expovoorbereiding van Apostata met Ken Broeders
26/11
TOP
"Een expo rond Apostata.
Hoe pak je zoiets aan?
Je begint met wat de mensen het meeste aanspreekt.
Juist. Je start met een vliegende piemel.
Een tintinnabulum. Geen vunzig erotisch attribuut, maar in Romeinse tijden een soort van geluksbrenger. Benodigdheden: ijzerdraad, isolatietube, keukenrol, behangerslijm, zijdepapier, milliput, een spuitbus met grondverf, fijne ketting, oogvijzen en kerstversiering.
Ziehier het verloop."


"Wie aan Romeinen denkt, legt meteen ook de link naar mozaïek.
Een stukje Apostata-vloer mocht dan ook niet ontbreken.
Piepschuim, een breekmes en Kens fantasie..."



"Een huisaltaar/tabernakel was een must. Ornamentjes in kunststof, een houten moluurtje met siermotief, en niet te vergeten een goede stofzuiger om alle piepschuimbolletjes weg te werken."



"Alsof de duivel ermee gemoeid was, vonden we op zeker ogenblik deze kruik bij onze buren op de stoep op de wekelijkse vuilnisophaaldag. In stukken en brokken. We twijfelden geen ogenblik. Na wat gepuzzel was dit het resultaat."



"In ons leven gebeurt er weinig zonder dat onze beste vriend/Kens bloedbroeder Erik erbij betrokken is. De Julianusmunt was een kolfje naar zijn hand."



"De grootste uitdaging voor Ken was de bewerking van de panelen die geleverd werden door Strip Turnhout. Aan de slag met oker en rood. En afwerken met een laagje vernis."



"Tot slot nog de tekstplaatjes."



Ken Broeders: "Gewetensussend plaatje"
25/09
TOP
"Ik ga niet graag signeren.

Niet omdat ik dat kleine groepje lezers, dat hardnekkig mijn albums blijft volgen, niet durf te trotseren. Het wringt als ik niet achter mijn tekentafel zit.
Mijn stapeltje potloodtekeningen lijkt altijd groter te zijn dan dat van de geschilderde.
Bijgevolg voel ik me soms lichtjes schuldig dat ik mijn neus niet wat meer laat zien.
Dan plaats ik al eens een prentje op het stripforum De Getekende Reep om die onrust te bedaren en de lezers te tonen dat ik wel degelijk gestaag verder pruts aan mijn pagina’s.
En nu heeft de onvolprezen De Stripspeciaalzaak me gevraagd of ik een van die gewetensussende plaatjes wat meer wil toelichten.

Wie zich mijn vorige bijdrage aan De Commentator herinnert, weet echter misschien nog dat ik het niet vanzelfsprekend vind om over mijn eigen werk te praten. Verwacht dus geen wonderen.

Vooruit dan maar...

(klik op de afbeelding voor een grotere versie)



De tekening komt uit het derde deel van Apostata en toont een van de vele drukbezochte en florerende kroegen, die het laat-Romeinse Parijs rijk is. De hitte van de zomerdag is verdreven door een fikse regenbui en de bezoekers hebben beschutting gevonden in de overdekte galerij.
In een mooie en burgerlijke stadswoning is dit het peristylium, de met zuilengangen omgeven binnenplaats, waar men geniet van de rust en schaduw.
Maar we zijn hier in een minder eerzaam deel van Parijs waar woningkazernes, winkels en werkplaatsen het straatbeeld bepalen. Geen mooie sierlijke zuilen, maar gebouwen opgetrokken uit ruwe houten balken, bakstenen en verkruimelend plaasterwerk.

Een slaaf bedient de gasten en moet zich de attenties van een klant laten welgevallen. Het is erg waarschijnlijk dat de vrouwen en mannen die in deze kroegen werken, meer doen dan alleen maar wijn schenken. Ze zijn echter niet officieel werkzaam als prostituee (die worden bezocht in bordelen) want ze hanteren (volgens sommige graffiti) veel goedkopere prijzen. Andere graffiti vertellen dan weer over bepaalde seksuele handelingen door mannelijke prostitués. Het is trouwens wel zo dat seks met een mannelijke slaaf of prostitué oogluikend wordt toegelaten… De schande ligt blijkbaar in het gepenetreerd worden.

Een pooier komt klanten ronselen voor zijn bordeel en prijst zijn nieuwste aanwinst aan die, gezien haar haartooi, waarschijnlijk uit het Midden-Oosten afkomstig is (de Romeinse wereld is een multicultureel imperium, vergeet dat niet) en overdekt is met juwelen. Dames uit eerbiedwaardigere kringen hangen eerder een less is more-mentaliteit aan. De opkomende christelijke moraal brengt ook een nieuwe hang naar soberheid met zich mee die vooralsnog niet lijkt aan te slaan bij de pooier en zijn meisjes.

Een van de herbergbezoekers heeft echter meer belangstelling voor zijn hapje: relmuis. De truc voor deze delicatesse is simpel. Vanaf het moment dat de beestjes aan hun winterslaap toe zijn, steek je de stakkerds in een speciaal voor dit doeleinde bestemd kruikje. Daarin worden de sluimerende muisjes vetgemest (om nadien misschien verdronken te worden in wijn). Vervolgens slachten, villen en opvullen met een lekkere mengeling van peper, varkensgehakt, knoflook en garum (de beroemde Romeinse vissaus die vergelijkbaar is met de hedendaagse Thaise variant). Ten slotte bestrijken met olijfolie of honing en in de oven. Smullen maar!
Dit soort voedsel is trouwens van alle tijden. In Cyrano heb ik ergens een spreeuwenpot getekend: een kruik die uitnodigend onder de dakgoot werd gehangen, waarin een nietsvermoedend spreeuwenkoppeltje ging nesten. En als de jongen dan eindelijk op het punt stonden om uit te vliegen... tja.

Op het prentje bemerk je ook het bordspel latrunculi dat nog het best als een voorloper van schaken kan worden omschreven. Het spel wordt in verschillende Romeinse teksten vernoemd, maar er is zo goed als niets geweten over de spelregels. Het is echter duidelijk dat het een populair tijdverdrijf was.

Boven het liederlijk stelletje feestneuzen zien we ietwat vreemde (gevleugelde) fallushangers: de tintinnabula. De fallus is een belangrijk symbool voor de Romeinen en staat voor vruchtbaarheid, geluk en welvaart. De belletjes onderaan fungeren als een windgong en moeten het kwade weren. Een tintinnabulum heeft dus weinig of geen erotische betekenis voor de doorsnee Romein.

Helemaal achterin zien we de gloed van een oven waar eenvoudig voedsel en brood wordt bereid. Dit deel van Parijs is dichtbebouwd, met smalle straatjes en uit hout opgetrokken gevels. Een van de maatregelen om een rampzalige brand te vermijden, bestaat erin dat de meeste kleine woningen en appartementen in de woonkazernes geen keukenvoorzieningen hebben. Dit maakt dat de stedelingen meestal uit eten gaan en bijna dagelijks de vele kleine eethuisjes of kroegen bezoeken.

Het opzoekwerk voor Apostata lijkt nooit te stoppen. Ik blijf boeken verzamelen en lezen, films en documentaires bekijken, musea bezoeken, verhalen beluisteren... Uit die smeltkroes, waar quasi dagelijks nieuwe ingrediënten aan worden toegevoegd, ontstaat dan mijn versie van een Romeinse wereld. Een wereld die ik moeiteloos voor mijn geestesoog kan oproepen.
Maar telkens weer blijkt dat hij verrekt moeilijk neer te zetten is op tekenpapier."

Voor wie graag nog meer wil weten, volgende links:
www.smulweb.nl (recept voor gevulde relmuis)
www.collectiegelderland.nl (tintinnabulum)
www.trouw.nl ("Een verdronken muis met een juridisch staartje")

Bezoek ook www.kenbroeders.be


Ken Broeders: "Stukje vijver"
08/05
TOP
Toen de onvolprezen De Stripspeciaalzaak enige tijd geleden liet weten dat ze een rubriek De Commentator ging oprichten was ik, geheel tegen mijn natuur in, erg enthousiast.

Een mooi initiatief om de trouwe striplezers eens een kijkje achter de schermen te gunnen en ze wat meer te laten opsteken over het ambacht strips maken. Het is, laat ons heel eerlijk zijn, ook een mooi middel voor auteurs om zich eens ongebreideld en schaamteloos schuldig te maken aan heerlijke zelfpromotie.

En inderdaad, ik heb de afgelopen maanden met plezier De Commentator gelezen en in het oog gehouden. Stripauteurs vertellen hoe ze te werk gaan, hoe ze gebruik maken van hun documentatie of stellen bepaalde toestanden aan de kaak via open brieven. Een enkeling vertoont een misschien wat vreemde fascinatie voor zijn overigens prachtige tekenstudio.
Omdat er binnenkort nog eens iets van mij op de stripmarkt gaat verschijnen, leek het dus een gepast moment om zelf ook even aan drieste propaganda te gaan doen.

...

Hier stuit ik echter op een zeer lastig probleem. Ik heb jammer genoeg ontdekt dat ik het heel moeilijk vind om over mijn eigen werk te praten of te schrijven. Nu ja, ik kan natuurlijk wel vertellen met wat voor verf ik schilder (voor de geïnteresseerden: plakkaatverf en acryl) of dat ik van maandag tot zondag aan mijn pagina’s zit te werken.

(Geheel terzijde: die website van me maakt me ook al heel ongemakkelijk. Meestal worden er illustraties of tekeningen aan toegevoegd achter mijn rug om. En omdat ik weinig begrijp van computers kan ik ze er ook niet meer afhalen. En gisteren werd ik voor het voldongen feit gesteld dat ik nu ook op dat kl...te-Facebook-gedoe zit.)

Het lukt me maar niet om journalisten, striplezers of schoolklassen (die me in hun onschuld uitnodigen om eens te komen praten over mijn strips) te overdonderen met prachtige uitweidingen over tekenen en schilderen. Ik word overvallen door een gevoel van gêne dat ik niet van me kan afschudden. Het jammerlijk gevolg hiervan is dat ik zodanig begin te mompelen of wartaal uit te slaan dat ik mijn toehoorders tot wanhoop drijf. Stel je maar eens voor wat uitgevers moeten doorstaan wanneer ik met een project afkom. Ze zullen het ongetwijfeld al even vermoeiend vinden als ikzelf.

Niettemin ben ik toch maar eens gaan rondneuzen tussen mijn originelen om misschien iets te vinden waar ik mee kan uitpakken voor De Commentator.
Tijdens mijn, ondertussen al wat moedeloze speurtocht naar een pagina of cover waar ik apetrots op kan zijn, viel me echter iets anders op.
Kleine details, soms niet meer dan enkele verfstreken, waarvan ik zelfs niet meer kan herinneren dat ik ze heb aangebracht, maken dat sommige strookjes in een album me opnieuw aangenaam kunnen verrassen.

Een voorbeeldje: in mijn laatste boek is ergens een stukje vijver te zien. Het wateroppervlak werd hier erg snel geschilderd maar lijkt, in al zijn eenvoud, wel gelukt. Op het moment zelf was ik waarschijnlijk al blij dat die pagina af was en dat ik aan de volgende kon beginnen. Maar als ik ze dan later terug bekijk, valt net dat stukje me op. Zoiets vind ik leuk.



Oh, ja. Het prentje is te bekijken in het album De Heks dat het tweede deel is van de reeks Apostata. En dat verschijnt zeer binnenkort. Dus toch een beetje promotie. Nah!"

Bezoek ook www.kenbroeders.be