Daedalus Don Lawrence Collection Saga Uitgaven  
 
De Commentator

Toegevoegd op 10 februari:
Steve Cuzor over Een Ster van Zwart Katoen

Toegevoegd op 2 februari:

Enki Bilal over Bug 1

Toegevoegd op 27 januari:

Hardoc over De Oorlog van de Lulu's 5

Toegevoegd op 24 januari:

Miles Hyman over De Loterij

Toegevoegd op 17 januari:

Laurent Verron over Ze Noemden Hem Rooie

Toegevoegd op 30 december:

Griffo over S.O.S. Geluk seizoen 2 1
De volgende auteurs leverden ook al bijdragen. Klik op hun naam om verder te gaan naar hun afzonderlijke pagina:
Ivan Adriaenssens
Pierre Alary
Sytse S. Algera
Alex Alice
Christophe Alliel en Aurélien Ducoudray
Jesús Alonso en Olivier Visonneau
Anlor
Mohamed Aouamri
Dimitri Armand
Jean-Michel Arroyo

Laurent Astier
Antoine Aubin en étienne Schréder
Virginie Augustin
Philippe Aymond
Denis Bajram
Balak
Olivier Balez en Pierre Christin
Alessandro Barbucci
Jean Bastide
Raphaël Beuchot
Batem en Colman
Kristof Berte
Philippe Berthet
Georges Bess
Lük Bey
Enki Bilal
De Blauwbloezen
Frédéric Blier
Olivier Boiscommun
Matthieu Bonhomme
Cyril Bonin
François Boucq
Tom Bouden
François Bourgeon
Marc Bourgne
Enrique Breccia en Xavier Dorison
Daniel Brecht
Ken Broeders
Frédéric Brrémaud
Brüno
Max Cabanes
Charel Cambré
Barbara Canepa
Theo Caneschi
Paul Cauuet
Lounis Chabane
Jean-Christophe Chauzy
Didier Conrad en Jean-Yves Ferri
Luc Cromheecke
Criva en Verhast
Robbert Damen
Sébastien Damour
Frodo De Decker
Nicolas de Crécy
Erik de Graaf
Aimée de Jongh
Philippe Delaby
Marissa Delbressine
Jean-Yves Delitte
Marc de Lobie
Thierry Démarez
Philippe Delzenne
Pieter De Poortere
François Dermaut
Maarten De Saeger
Jorg de Vos
Lode Devroe
Geert De Weyer
Bruno Di Sano
Terry Dodson
Thomas Du Caju
Kim Duchateau
Bruno Duhamel
Ersel
Chris Evenhuis
David Felizarda Real
Adrien Floch
Philippe Francq
Fred
Paul Gastine
Philippe Gauckler
Bruno Gazzotti
Christian Gine
Antoine Giner-Belmonte
Thierry Girod
Carlos Gomez en Arnaud Delalande
Eugeen Goossens
Mars Gremmen
Olivier Grenson
Griffo
Juanjo Guarnido
Richard Guérineau
Hardoc
Alain Henriet
Hermann
Eric Heuvel
José Homs
Hub
Romain Hugault
Miles Hyman
Zoran Janjetov
Jeroen Janssen
Philippe Jarbinet
Iouri Jigounov
Jim
Milan Jovanovic
André Juillard
Nicolas Keramidas
Kerascoët
Patty Klein
Hanco Kolk
Jean-Charles Kraehn
Hugues Labiano
José Ladrönn
Juan Louis Landa en Sandro Raule
Mathieu Lauffray
Christian Lax
Olivier Ledroit en Thomas Day
Hec Leemans
Marc Legendre
Jérôme Lereculey en David Chauvel
Simon Léturgie
éric Liberge
Ingrid Liman
Willy Linthout
Régis Loisel
Régis Loisel en Jean-Louis Tripp
Stéphane Louis
Vincent Mallié
Milo Manara
Wauter Mannaert
Fabio Mantovani en Philippe Nihoul
Frank Margerin
Enrico Marini
Marmus
Marvano
Scott McCloud
Fabrice Meddour
Merho
Ralph Meyer
Mezzo
Gilles Mezzomo
Guy Michel en Arnaud Delalande
François Miville-Deschênes
Arno Monin
Thimothée Montaigne
Romano Molenaar en Jorg de Vos
Jean-Louis Mourier
José-Luis Munuera
Federico Nardo en Pierre Makyo
Viviane Nicaise
Peter Nuyten
Tiburce Oger
Minck Oosterveer
Danker Jan Oreel
Marcel Pagnol
Joël Parnotte
Frank Pé
Cyril Pedrosa
Frederik Peeters
Patrice Pellerin
Claude Pelet
Rubén Pellejero
Philippe Pellet
Régis Penet
Jérémy Petiqueux
Nicolas Petrimaux
Federico Pietrobon
Didier Poli en Robin Recht
Jean-Michel Ponzio
Francis Porcel
Bart Proost
Mike Ratera
Riff Reb's
Reno
Mathieu Reynès
Roberto Ricci
Willem Ritstier
Grzegorz Rosinski
Christian Rossi
Marcel Rouffa
Corentin Rouge
Kenny Rubenis
Marcel Ruijters
Paul Salomone
Riad Sattouf
François Schuiten
Olivier Schwartz
Stéphane Servain
Christophe Simon
Benoît Sokal
Kristof Spaey
Benoît Springer
Naomi J. Strijdonk
Roman Surzhenko
Yves Swolfs
Olivier TaDuc
Jirô Taniguchi
Jacques Tardi
Paul Teng
Marlon Teunissen
Béatrice Tillier
Lewis Trondheim
Albert Uderzo
Gerben Valkema
Sylvain Vallée en Fabien Nury
Steve Van Bael
Rob van Barneveld
Rob van Bavel
Daniel van den Broek en Ivan Claeys
Robert van der Kroft
Wilbert van der Steen
Michiel van de Vijver
Maarten Vande Wiele
Jean Van Hamme
Hans van Oudenaarden
Jos Vanspauwen
Olivier Vatine
Dan Verlinden
Laurent Verron
Vincent
Bastien Vivès
Thomas von Kummant
Colin Wilson
XIII Mystery
Bernard Yslaire
Zep
open brieven
 
Steve Cuzor over Een Ster van Zwart Katoen
10/02
TOP
Een Ster van Zwart Katoen
Onderstaande bijdrage van Paul Giner verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 110 van januari 2018.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 86
Een Ster van Zwart Katoen
Over snelheid: "Nadat ik enkele platen op Facebook had getoond, schreef iemand: 'Joe Kubert kijkt maar beter uit!' Dat geweldige compliment trof me als een klap in het gezicht, want ik heb een kleine week nodig per plaat terwijl Kubert er één per dag tekende! Vanaf de volgende dag stelde ik mezelf in vraag. Om sneller te kunnen werken, moest ik meer zelfvertrouwen kweken, niet langer denken om het goed te doen, maar om het gewoon te doen, niet langer zoveel tijd spenderen aan de potloodtekening en sneller beginnen inkten. Door over te schakelen naar drie dagen per plaat begon ik er weer plezier in te krijgen en hervond ik de frisheid van mijn debuutjaren. De honderdvijftig strippagina's van Een Ster van Zwart Katoen zijn geen sprint op de honderd meter, het is een marathon! Die bewustmaking liet me toe om een tweede adem te vinden en ermee door te gaan. Tijdens dit project heb ik mezelf leren kennen."

Over tijd winnen: "Door mijn personages te baseren op acteurs, zoals Yves Sente had voorgesteld, kon ik tijd winnen op een moment dat ik er geen had. Ze zijn meer vertrouwd en makkelijk herkenbaar, ze bestaan onmiddellijk. Als ik het opnieuw mocht doen, zou ik in die fase meer tijd nemen."

Over licht en schaduw: "Voor het vliegtuig had ik het hele skelet van de romp getekend voor ik het maximaal zwart maakte en het essentiële overliet. Het zwart van de schaduwen draagt bij aan het realisme, maar het laat vooral toe om de focus te verleggen naar de vertelling en het vastleggen van de belangrijkste punten. Licht en schaduw zijn essentieel in mijn vertelling."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 87
Een Ster van Zwart Katoen
Over de iconische scène: "Deze plaat is gebaseerd op een gekende foto uit de Tweede Wereldoorlog waarop de soldaten de duinen innemen na hun landing op Omaha Beach. De scène hertekenen in plaats van ze opnieuw uit te vinden, laat toe om onze fictie terug in de geschiedenis te situeren. Dergelijke afspraken mochten we niet missen! Vandaar de aanwezigheid van ons vliegtuig boven deze iconische scène."

Over documentatie: "Ik kon niet zomaar wat tekenen, dus vertrouwde ik bij momenten op documentatie die enkele bevriende specialisten, zoals Philippe Jarbinet, me konden geven. Philippe hielp me bij de insignes, de wapens, enzovoort. Omdat ons boek noch historisch, noch een herdenking is, heb ik de tekeningen vooral benaderd op het gebied van de vorm, de omtrek, de suggestie, dankzij silhouetten en houdingen en niet op het gebied van details."

Over de inkleuring: "Door de door Meephe uitgevoerde inkleuring kan het zwart en wit beter gezien worden en de grafische emotie en het licht aangevoeld worden. Ik wilde geen realistische kleuren met blauwe hemels en groen gras, iets wat men me een beetje heeft aangewreven in mijn vorige albums en die een deel van mijn werk camoufleerden. Om de lezer niet in het ongewisse te laten, evolueert de kleurtoon naargelang de scènes, en we lieten het niet na om een bijkomende kleur te gebruiken op sommige pagina's. Enkel de laatste pagina is in meerdere kleuren met de bedoeling het ritme te doorbreken, alsof het om een terugkeer naar de realiteit gaat."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 88
Een Ster van Zwart Katoen
Over de ziel: "Lincoln en zijn vrienden beleven hun eerste sprong die wordt geleid door een blanke luitenant die net van de universiteit komt. Onze personages vinden nooit echt hun plaats in deze oorlog en ondergaan de grote geschiedenis, maar ook de kleine geschiedenis door hun banden met aanhangers van de rassenscheiding, met de kou, de honger, de angst... Het loopt allemaal uit de hand en niemand beheerst de situatie nog. Dat is een beetje de ziel van dit verhaal."

Over de tekst: "Het scenario bevatte nogal veel tekst, waar Yves voor gekend is. Ik wilde enkele gesprekken en uitspraken verminderen, maar de hoeveelheid is niet zo storend omdat het om een correspondentie gaat tussen een boer en een zus. Omdat we het verhaal enkel kennen door die brieven zijn ze dus onontbeerlijk en dienen ze om te vertellen wat de personages denken en aan het beleven zijn."

Over details: "Liever dan in detail tanks, nazi's en andere Duitse militairen te tekenen, stelde ik hen voor als silhouetten om van hen aanwezigen of symbolen te maken in plaats van menselijke wezens aan wie je een naam, voornaam, leeftijd kan geven om hun persoonlijkheid te ontdekken. Ik moest het grafische op een andere manier benaderen. Meer als suggestie, met meer arceringen, grijstinten, zwartvlakken, schaduwen ter hoogte van de ogen. Op eenzelfde manier wilde ik geen omtrek tekenen voor de sneeuw in de Ardennen die tevoorschijn komt dankzij de schaduwen van bomen, sparren, tanks en personages. Door die gecreëerde leegte kon ik spelen met mist en wind die sneeuw wegblaast."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 89
Een Ster van Zwart Katoen
Over kadrering: "Ik heb enkele gevaarlijke dingen gedaan in mijn leven (onder meer rodeo's). Parachutespringen hoort daar niet bij. In de diepte springen, spreekt me totaal niet aan! Ik wilde een soort absolute stress in het vliegtuig doen aanvoelen, met een opeenvolging van snelle prenten, close-ups, expressies op gezichten... En plots, de grote sprong in de laatste prent met een indruk van een grote leegte en het vliegtuig rechts bovenaan in de verte dat wegvliegt. De kadrering laat een mooi evenwicht op de dwarslijn toe met de angst die in de ogen van Lincoln is te zien en zijn vrienden die net na hem sprongen. Ik heb een tijd lang gezocht tot ik de goede kadrering vond door gebruik te maken van alle andere prenten van deze dubbele pagina."

Over improvisatie: "Al vroeg had ik het idee om de hoofdstukken in te leiden met meer uitgewerkte portretten tegenover het inktwerk van de pagina's dat meer gecodeerd is. In plaats van met pastel te werken, gebruikte ik vuil water, nadat ik er mijn penselen in schoonmaakte, om het als gewassen inkt te gebruiken en de tinten meer naar voor te laten komen. Uiteindelijk kwam ik op 100% zwarte inkt uit om volume en een contour aan te brengen. Die geïmproviseerde techniek op zwaar korrelig papier geeft de indruk van houtskool. Het is nochtans gewoon penseel."

Over investeren: "Het kostte me vier lange jaren om dit boek — het equivalent van drie albums — te maken, en dat was mogelijk door een geweldige uitgever die me zijn vertrouwen gaf. En ook door XIII Mystery dat ik net ervoor had gemaakt met Laurent-Frédéric Bollée. In plaats van mijn auteursrechten aan een of andere aankoop te spenderen, heb ik die opnieuw geïnvesteerd in werktijd om de honderdvijftig pagina's te voltooien!"


Enki Bilal over Bug 1
02/02
TOP
Bug 1
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri en Frédéric Vidal verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 109 van december 2017.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 23
Bug 1
Over gevaar: "Een intimistische scène op een klassieke manier, zoals in een tv-serie, om de ongerustheid van Karen voor Kameron Obb, haar ex-man, te beschrijven. Obbs terugkeer van Mars is in 2041 een banaal traject, maar werd ontzettend gevaarlijk nadat een ongelofelijke gebeurtenis de Aarde trof. Een reusachtige bug wiste alle digitale geheugen van de planeet."

Over centraal gegeven: "Een strakke bladschikking. Een overzichtsbeeld van het appartement met de personages die op de zetels zitten, zou geen zin gehad hebben. Tonen hoe de meubels geëvolueerd zijn, interesseert me niet voor dit verhaal. Ik werkte liever de personages uit om hun gesprek niet te ontkrachten. Het centraal gegeven, de bug, leek me zodanig sterk dat je in dergelijke omstandigheden niet let op de rest, denk ik. Je voelt je verloren en je vraagt je af hoe je moet overleven. Het detail, de anekdote, verdwijnt."

Over expressies: "Als ik me het plezier zou gunnen een zetel uit de toekomst uit te vinden, zou ikde lezer wegvoeren naar iets dat niet past in de richting van het verhaal. We blijven dus bij de gezichten. De expressies zijn gespannen. Angst en ongerustheid primeren. De personages voeren vrij realistische gesprekken."

Over de kleurtoon: "In de laatste prent keren we terg naar het internationale ruimtestation dat rond de Aarde zweeft. Verandering van kleurtoon. Van blauwe achtergronden gaan we over naar groene pasteltinten. Hé? Omdat we veranderen van plaats zou het wit tussen de twee laatste stroken groter geweest moeten zijn. Dat detail is me ontsnapt. Niet erg. De enige informatie, maar wel een belangrijke, komt van de vrouw: de code die op de vorige pagina door astronaut Kameron Obb werd gegeven, lijkt te werken."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 24
Bug 1
Over de vertelling: "Het brein is een spier. Sommigen amuseren zich door de decimalen van het getal Pi te onthouden. In De Slaap van het Monster herinnert Nike Hatzfeld zich heel precies zijn eerste twee weken door zijn hypermnesie. De capaciteiten van Obb overtreffen die van Nike ruimschoots. Hij heeft geen enkele reden om de code B.R.A.I.N. WZGG T8783 A3 24451-11674 WW1 te kennen, net zo min de naam van de ouders van zijn Indische dokter. En dat het meisje (die later met hem mee op de vlucht gaat) studeerde in Nieuw-Zeeland... niet alles hoeft uitgelegd te worden. Ik gebruik die manier van vertellen, die tegelijk elliptisch als samenvattend is, doorheen het hele album. In iets meer dan een pagina begrijpt de lezer de insteek en moet hij verbaasd zijn als hij ontdekt dat Obb alle van de Aarde verdwenen informatie heeft."

Over het ruimtestation: "Mijn ruimtestation heeft veel weg van een Sovjetmodel. Ik stel me voor dat dat design snel veroudert en dat de ruimtestations in 2041 wel op iets anders zullen lijken. Ik heb het behouden omdat ik een cultuur wilde behouden die onmiddellijk aanspreekt. Een volledig nieuw ruimtetoestel beschrijven zou nutteloos geweest zijn."

Over familie: "Bij de release van een vorig album las ik dat sommigen de gezichten van mijn personages met elkaar verwarden. Goed. De keuze voor een type personages hoort bij de stijl van een tekenaar. Je zou hetzelfde kunnen zeggen over Tardi. Ieder zijn gewoontes. Niettemin, en in functie van het realisme, besliste ik op een dag een een scène te tekenen met personages die ik naar mensen op straat had geschetst. Het resultaat was een tekening die niet om aan te zien was! Te veel verschillende uiterlijkheden. Er zat geen enkele harmonie in het beeld. Jammer dan maar. Mijn personages hebben hetzelfde vel, ze zijn geboren uit hetzelfde brein, uit dezelfde hand. Ze zijn van dezelfde familie! Ik hou niet per se van hen allen, maar ze vormen een samenhangend geheel."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 25
Bug 1
Over magie: "Ik vraag me af of de lezer nood heeft aan genummerde hoofdstukken. Ik wel, dus liet ik die staan. Er zijn er maar vijf. In de grote prent is voor de eerste keer het appartement van Karen te zien. We herkennen de Samaritaine, het grootwarenheis dat een appartementsblok werd. Ik vind het jammer — en nu keer ik terug naar het heden — dat het al jaren is gesloten. Toen we in Parijs kwamen, nam mijn vader ons mee naar de Eiffeltoren, de Sacré-Cœur, Versailles... en de Samaritaine. Ik hou van de architectuur, de locatie tegenover de Pont-Neuf waar de Seine zich splitst. Het straalde iets magisch uit dat mij heeft getroffen."

Over symbool: "Eerste beeld van het neergestorte vliegtuig op de Pont-Neuf. Eerste zichtbare resultaat van de ramp. In het begin werkte ik het grote mysterie uit over de terugkeer van de man die die ongelofelijke hoeveelheid informatie bevat. Nu gaat het over de gevolgen van de mondiale bug. Het is belangrijk dat te symboliseren met één enkel spectaculair en onverwachts beeld. Enkele toeschouwers, geen auto's. Je begrijpt dat het neergestorte vliegtuig daar al enkele dagen staat. De lensen staan erop te kijken, er is een zekere fataliteit gekomen."

Over rust en paniek: "Dat er wapens tevoorschijn komen, impliceert dat er een mogelijk gevaar is. Dat is het resultaat van zowel waanideeën als angst, en van een realiteit die zich opdringt. De personages zijn rustig. Als ik dan een kerel zou tonen die op straat met een geweer staat te zwaaien, zou dat paniek uitlokken."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 26
Bug 1
Over impact: "Deze stadsgezichten breken met de vorige zichten die van dichterbij waren. We komen van hoger. Eerste pagina van een scène in drie pagina's waarop de situatie in drie symbolische steden wordt beschreven: Londen, New York en Parijs. Er ligt een vliegtuig in de Theems. Ik vertel de omvang van de schade. Welke gebeurtenissen hebben het meest impact op ons dagelijks bestaan? Geblokkeerde liften? Vliegtuigen zonder piloot die neerstorten? En wat als de geldautomaten niet langer werken? Waar vind je geld als je niet meer in de banken kan? Dat is de prozaïsche kant, heel down to earth, van dit grote drama. Als ik het zou hebben over problemen rond voeding, water of elektriciteit, zou ik in de intimiteit van de vorige scène gebleven zijn. Maar ik had die scènes zonder probleem kunnen uitrekken. In een tv-serie zou dit een volledige aflevering geweest zijn met bijvoorbeeld gekken die het gebouw willen binnenkomen."

Over de stadsbeelden: "Ik heb geschilderd op beelden die ik via Google vond. Niet door luiheid! Ik had geen zin om me te pijnigen door Manhattan of Londen met het penseel te tekenen. Maar een onderwerp over het verdwijnen van digitale gegevens uitwerken met digitale middelen schiep voor mij een echte betrokkenheid. Deze stadsbeelden omvatten een maximum aantal mensen. Ik benadruk het contrast met de vorige intieme scènes. Je ziet hen niet, maar er zijn miljoenen mensen aanwezig in deze beelden."

Over het formaat: "Ik hou wel van dit kleinere formaat, een beetje zoals van een graphic novel, dat ik in samenspraak met mijn uitgever heb gekozen (de Nederlandstalige versie verscheen daarententegen op een regulier albumformaat, red.). Maar ik hen het formaat van mijn originelen niet aangepast. Ik monteer mijn prenten zoals men een film monteert. Beeld per beeld. Soms kadreer ik mijn beelden opnieuw, niet radicaal, zelden meer dan 15%."


Hardoc over De Oorlog van de Lulu's 5
27/01
TOP
De Oorlog van de Lulu's 5
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 108 van november 2017.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 18
De Oorlog van de Lulu's 5
Over de laatste keer: "Kijk goed naar deze plaat, het is de laatste waarop Ludwig, Lucas, Lucien en Luigi samen zijn. Ik kende enkel de grote lijnen van het scenario en Régis Hautière bezorgde me zijn pagina's per pakketjes van vier of vijf. Soms zat ik dus in dezelfde situatie als de lezer. Dat is geen probleem voor mij. Het zou me vervelen mocht ik alles op voorhand weten. En Régis kan daardoor tot het laatste moment bijschaven."

Over affectie: "Het is raar om te zeggen, maar er sluipt affectie binnen in dit werk. We leven nu al jaren samen met die jongens en Lucy, het Belgische meisje dat ons in het vorige deel verliet. Lezers zeggen ons ook dat ze zich verbonden voelen met die kinderen, die ze hebben zien opgroeien en ouder worden. Zoals zijzelf."

Over evolutie: "Ik had niet echt een probleem om hen jaarlijks te laten evolueren per album. Daar had ik geen lange sessies met voorbereidende schetsen voor nodig, ze werden automatisch groter onder mijn pen, bijna als een automatisch handschrift. De wangen vallen in, de gezichten verfijnen, de schouders worden breder, een van hen wordt een kop groter. Hun trekken zijn nogal karikaturaal, want het zijn semi-karikaturale personages in de groteneuzenstijl. Ik heb twee dochters van acht en elf jaar. Ik zie hen evolueren in hun uiterlijk en hun gedrag. We scheppen niets dat niet of gedeeltelijk uit de wereld om ons heen komt."

Over verrassen: "Het is een vreemd vak. Als wij, tekenaars, nadenken over een te verschijnen verhaal, beelden we ons gezichten en expressies voor. En dan, als de personages tot stand komen uit ons potlood, zijn we altijd verrast."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 19
De Oorlog van de Lulu's 5
Over mindere kopieën: "Als ik een bos teken, en dat komt vaak voor in de Lulu's, denk ik altijd aan Uderzo. Zijn tekeningen hebben me veel dingen bijgebracht, waaronder de zin voor beweging. Zelfs in de hardste acties vind ik iets liefs in zijn tekenstijl. Of het nu grote auteurs of nieuwkomers gaat, ik stap dolverliefd rond in de stripwereld. Zoals de lezers. Het spijt me alleen dat sommigen, die nochtans talent hebben, mindere kopieën van bekende series tekenen. Ik heb soms de indruk dat we terug in de jaren 1990 zijn met allemaal Bilal-wannabes."

Over dieren: "In Picardië, waar ik opgroeide, zijn veel plaatsen ontgonnen. Het bos ruimde baan voor velden. Als kind waren herten en groene reigers de enige dieren die ik observeerde. Helaas geen everzwijnen!"

Over de toekomst: "Hier begint de toekomst van de Lulu's. Voor het Picardische tijdschrift Papier Pierre Chicon, dat verhalen publiceert die geschiedenis met plaatselijke folklore mengen, mogen we een verhaal van zestien pagina's maken met ons groepje. Casterman gaf groen licht, op voorwaarde dat ze het later zelf ook mochten gebruiken in een nog te bepalen vorm: als losse uitgave, in een integrale, alles ligt open. De Lulu's ontmoeten daarin twee soldaten, misschien deserteurs. We werken momenteel aan dat kortverhaal. Vervolgens pakken we de tweede cyclus aan, L'Après-guerre des Lulus, ook weer in vijf delen. In 2019 verschijnt het eerste deel. Tussendoor moeten in 2018 de twee delen van La Perspective Luigi verschijnen, een spin-off over wat er hun overkwam in Duitsland tussen deel 3 en 4. Damien Cuvillier (Rode Schoenen) tekent deze spin-off."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 20
De Oorlog van de Lulu's 5
Over Kuifje: "Tijdens een bezoek aan het Diagonale-stripfestival in Louvain-la-Neuve waar Régis en ik het Hergé-museum bezochten en waar we opnieuw gefascineerd raakten door het werk van Kuifjes geestelijke vader. De zenuwachtigheid van zijn tekeningen die tot rust komt door een heel langzame, ietwat beverige inkting, zijn rijkgevulde en overvloedige wereldje. Alle huidige tekenaars kunnen er een lesje van leren. Dat bezoek gaf me ter plaatse het idee om als hommage Auguste Piccard, de wetenschapper die model stond voor professor Zonnebloem, op deze plaat te tekenen. Ik moest enkel nog een sikje toevoegen en hij werd werkelijk Zonnebloem!"

Over Haddock/Hardoc: "In feite had ik ook kapitein Haddock op dat bankje kunnen laten zitten. Op mijn veertiende of vijftiende had ik al goed ontwikkelde baardgroei, liep in leer gekleed en droeg Dr. Martens-schoenen. Ik bezocht een zwarte saxofoonspeler die jazz met rap mixte. Op een dag wierp hij me toe dat ik op een personage uit Kuifje leek en die hij vaag had gezien in een album: Hardoc. Die bijnaam is me bijgebleven. Later aarzelde ik om mijn eerste album te signeren met de naam Vincent Lemaire, niet omdat ik me schaamde zoals men me soms vraagt — ik ben trots op mijn voorgeschiedenis en mijn ouders — maar omdat die naam vaak voorkomt in het noorden. Vandaar Hardoc!"

Over de trein: "Het was makkelijk om foto's te vinden van treinen uit het begin van de twintigste eeuw. Voor het interieur is het wat moeilijker. Je vindt enkele beelden van oude treinen in Latijns-Amerika, maar geen boeken over het onderwerp. Ik ben aan de slag gegaan met enkele weerkerende elementen. De houten banken, enkele netten. Toen bestonden er drie klassen. Je kan je wel voorstellen dat dit de derde klasse is..."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 21
De Oorlog van de Lulu's 5
Over fouten: "Het is raar, maar een tekenaar ontdekt altijd fouten in zijn werk als het al gedrukt is. Hier had ik enkele kleuren moeten accentueren om meer diepte te geven. En ik had de expressies wat meer moeten uitwerken. Er stoort me iets in de manier waarop de rosse jongen in de voorlaatste prent zijn hoofd draait."

Over kampen: "Nieuwe scène in het kamp die de lezer zal herinneren aan deel 1. En aan mijn eigen kindertijd. Met mijn bende vrienden bouwde ik veel kampen in het bos, gemaakt vanuit het niets. Ik herinner me vooral een kamp dat we tussen laaghangende takken hadden gebouwd. De wanden en de vloer bestonden uit takken, planken, stukken golfplaten, toen smerige dingen. En alles bij elkaar gespijkerd. Helaas kwamen jongens uit het dorp het regelmatig slopen. Op een dag bouwden we het opnieuw en sneden we enkele gaten in de muren, zoals schietgaten. We verzamelden enkele plastic dakgoten bij mijn vader en kochten bij de kruidenier een voorraad kleiner vuurwerk. Het was enkel nog wachten op de indringers om het vuur te openen. Ze smeerden 'm en lieten hun fietsen achter. Oorlogsbuit!"

Over buiten spelen: "Ik denk dat elk kind die op het platteland opgroeide zulke verhalen heeft meegemaakt. Wij woonden in een gat met driehonderd inwoners. Mijn ouders lieten me niet de hele dag door televisie kijken. Ik speelde veel buiten. Het was een ongelofelijk grote, vrije ruimte voor kinderen. We reden kilometers met de fiets, we vochten, dat was ons grote avontuur."


Miles Hyman over De Loterij
24/01
TOP
De Loterij
Onderstaande bijdrage van Paul Giner verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 109 van augustus/september 2016.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 94
De Loterij
Over de menigte: "Omdat Shirley Jackson vermeldde dat er niet meer dan een driehonderdtal dorpelingen zijn, was het niet nodig om de gezichten in de menigte herkenbaar te maken. De menigte wordt bijna een personage op zich. De menigte vanop de rug tonen is belangrijk: het is hèt beeld van de onverschilligheid. Die wezens zijn er, passief, en handelen niet als individuen. Als elk van hen te ver zou worden uitgewerkt, zou dat van hen monsters, sociopaten hebben gemaakt en dat was de bedoeling niet. Het tonen van normale mensen, zoals je ze dagelijks op straat kan tegenkomen, was veel angstaanjagender."

Over de periode: "Ik heb nogal veel documenten bekeken over de toenmalige gebruiken, voornamelijk reportages over de landbouwers van de jaren 1940, soms zelfs een beetje ervoor tijdens de Dust Bowl — een reeks stofstormen — uit de jaren 1930. Ik wilde trouw blijven aan het jaar waarin de novelle werd geschreven, ook al kon het een bewerking in onze tijd best verdragen."

Over technieken: "Mijn tekenstijl past zich aan de taal van elke nieuwe bewerking aan. Nadat ik had gewerkt met vetkrijt aan De Zwarte Dahlia keerde ik terug naar houtskool voor De Loterij. Zo kan ik werken met tegelijk heel heldere als meer donkere tonen en met een grotere densiteit dan voor de adaptatie van de roman van James Ellroy. Ik gebruikte dezelfde houtskooltechniek voor De Praagse Coup, ook al was het formaat en het papier verschillend. Mijn volgende albums worden misschien de kans om andere technieken te testen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 95
De Loterij
Over rituelen: "'In juni loterij, staat het mais er prachtig bij' kan misschien wat stompzinnig klinken, maar dat is het niet voor een locatie waar de hele economie is gebaseerd op de landbouwproductie. De Gouden Tak van James Frazer, over de oorsprong en de aard van rituelen in primitieve stammen, constateert tot op welk punt voeding, de oogst en overvloed aan de basis staan van een ongelofelijk aantal religies. Shirley Jackson toont aan waar dat soort rituelen toe leidt in het Amerika van de jaren 1940."

Over standpunten: "Deze plaat is een stapje terug van de menigte die nog wel te zien is door een maisveld terwijl ook andere aspecten van het dagelijks leven van de inwoners wordt getoond. Het is de tweede keer dat er een scène is te zien door een maisveld. Het afwisselen van standpunten is belangrijk om ons niet altijd in de intensiteit van de menigte te bevinden."

Over New England: "Veel mensen hebben Shirley Jackson gevraagd of ze haar novelle heeft gestitueerd in haar dorp in North Bennington in Vermont, New England. Eerst weigerde ze daarop te antwoorden voor ze toegaf dat ze zich wel degelijk heeft gebaseerd op haar onmiddellijke omgeving. Dat veroorzaakte een zeker aantal problemen met haar buren! Andere keren zei ze dat ze alles had uitgevonden. Ze speelde ermee. Ik heb die ambiguïteit behouden door werkelijke en uitgevonden plaatsen te mengen met meerdere plekken in New England die ik heb gezien tijdens mijn lange tocht door Vermont, Massachusetts en de staat New York..."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 96
De Loterij
Over reiziger in eigen land: "Ik wilde decors opvoeren die Shirley Jackson had kunnen zien in 1948 terwijl ze boodschappen deed in het dorp of vrienden ging bezoeken die enkele uren verder woonden. Ik woon al jaren in Frankrijk en had een hybride Amerikaans-Frans landschap kunnen tekenen als ik de Verenigde Staten niet zou hebben bezocht. Het zou niet gestoord hebben, maar ik wilde me de kleine luxe gunnen om mijn geboorteland te betreden als een reiziger, zoals een ethnoloog zijn eigen stam zou bezoeken. Het was een heerlijke oefening om de decors uit mijn kindertijd te tekenen, alsof ik ze voor het eerst zag."

Over Vermont: "Vermont is een staat met weinig steden en heel weinig industrie. Het is weinig veranderd sinds de negentiende, zelfs achttiende eeuw. Je kan er nog dezelfde oude boerderijen en schuren zien staan, ook al kregen ze een nieuw leven met respect voor de oorspronkelijke plaatsen. Dat aspect van New England, tegelijk charmant als merkwaardig, is een bezoekje waard. Het is er heel mooi."

Over de urne: "De urne wordt relatief beperkt beschreven in de novelle. Ik wilde die zo eenvoudig mogelijk en dacht veel aan de monoliet uit 2001: A Space Odyssey van Stanley Kubrick. Ze komt in de menigte als een zwarte massa. Ze is meer een aanwezigheid dan een voorwerp."

Over zenuwen: "Ik heb zoveel mogelijk gespeeld met zowel het idyllische kantje van het dorp als het kantje dat storend, ontregelend is, met wat ons zenuwachtig maakt. Soms is het een hond die blaft. Soms een niet zo aardig spelletje tussen kinderen. Vanaf het begin gaat het niet goed. Je voelt dat er iets scheelt."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 97
De Loterij
Over informatieverwerking: "Ik ben zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke dialogen gebleven en beperkte mijn aanpassingen tot de tekstkaders om essentiële informatie over de geschiedenis van de loterij over te brengen. Dat is geen verraad van de vorm, noch van het ritme, noch van de geest van de novelle. Ik moest al die informatie in het eerste deel van het album stoppen zodat de lange scène met de loterij, met de spanning die opgedreven wordt, zo weinig mogelijk wordt onderbroken door starre informatie en vertelelementen."

Over leesniveaus: "Deze scène stelt bijna drie simultaan lopende leesniveaus voor. Je ziet iemand praten, de ceremonie gaat verder en er is een afstandelijke blik op de menigte. Daarom gebruik ik prenten die wat afwijken van de andere zoals de pagina's 96 en 97. Er is een voortdurend evenwicht tussen de onvermijdelijke voortgang van de loterij, de contacten en de emotie die stijgt bij de mensen die het allemaal meemaken."

Over licht: "Het werken met licht staat centraal in de meeste van mijn albums, en in het bijzonder die met een zomerzon waardoor gezichten verborgen kunnen worden in de schaduw. Met zo'n belichting kan er gespeeld worden met contrasten, donkere partijen en halfgesloten ogen alsof de zon geen eerlijke blik toestaat. Als de blik moeilijker is waar te nemen, komt dat de dubbelzinnigheid en het gevoel van een aanwezigheid zonder identiteit ten goede."


Laurent Verron over Ze Noemden Hem Rooie
17/01
TOP
Ze Noemden Hem Rooie
Onderstaande bijdrage van Sophie Bogrow verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 109 van december 2017.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 31
Ze Noemden Hem Rooie
Over de rustpauze: "Het scenario voorzag deze bijna tekstloze, dubbele pagina waarop we in het spoor van Rooie de indruk krijgen dat we vrijuit flaneren op het schip. Het is het soort scènes waar ik graag bij stilstond in mijn jeugd... Ik stelde Yves voor om die tijd uit te trekken, om de lezer een adempauze te geven. De oorspronkelijke versie was veel compacter. Uiteindelijk is het album bijna tachtig pagina's dik in plaats van zeventig. Ik denk dat het zo goed is."

Over authenticiteit: "Eetzalen, kajuiten, een verbazingwekkend moderne gymzaal, boksgevecht op het dek... behalve de boeken die Yves me uitleende en het internet beschikte ik over veel foto's van de authentieke oceaanstomer Île-de-France. Ik hoefde dus nauwelijks vals te spelen. Voor enkele ontbrekende details, zoals de brug, of de motoren die het roer aandreven, redde ik me door me op andere schepen te baseren."

Over improvisatie: "Het watervliegtuig bezorgde me het meeste last. Hij was kort in dienst en bruikbare foto's zijn zeldzaam. Hoe waren de katapult en het lanceringsplatform bevestigd op het achterdek? Waar leek de open cockpit op (ik ben zelfs niet zeker dat er in werkelijkheid plaats was voor twee)? Ik geef toe dat ik hiervoor nogal heb geïmproviseerd."

Over de uniformen: "Rob-Vel heeft lichtjes het uniform van de bell-boys veranderd: rode broek in plaats van zwarte, vereenvoudiging van de knopen,... Ik heb de broek behouden, maar de drie reglementaire rijen met knopen teruggebracht."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 32
Ze Noemden Hem Rooie
Over verandering van lucht: "Toen Yves me belde, las ik ook net volop Le Véritable Histoire de Spirou (de boekenreeks van Christelle en Bertrand Pissavy-Yvernault over Robbedoes, red.) Een teken van het lot! Ik had verandering van lucht nodig. Na veertien jaar en tien albums van Bollie en Billie, een product met strakke deadlines, draaide ik rondjes tussen het huis, de tuin en de haag."

Over warm lopen: "Ik nam aan dat het om een echt Robbedoes-album ging en daar liep ik niet warm voor! Roba opgeven om in de schaduw van Jijé, Franquin, Fournier, Janry te gaan staan... nee, bedankt, ik kon niet voorkomen met hen vergeleken te worden."

Over bloedlijn: "Om terug te keren naar een meer realistische tekenstijl, aangepast aan dit tragikomische verhaal, moest ik de reflexen kwijtspelen van de bloedlijn van Franquin, Uderzo of Roba, die me bijvoorbeeld de theatrale overdrijving van houdingen of de verrassing aanleerde. Nu val je letterlijk in het tegenovergestelde. Ik heb veel papier volgetekend om terug te keren naar een meer natuurlijke en subtiele stijl. Hoe dan ook blijven er nog sporen van die codes over, zoals de bewegingslijntjes. Ik probeer ervan af te raken!"

Over instinct: "Ik werk instinctief, zonder lat of rekenmachine. Ik doe alles op het oog: kikvors- en vogelperspectieven, bochtige gangen, ingewikkelde trappen. Het gebeurt weleens dat ik het verknal. Maar het blijft dynamischer en plezanter dan een grasperkje in Bollie en Billie."

Over een knipoog: "Noot voor oplettende cinefielen: de filmaffiche in prent 6 is die van Frau im Mond, een sf-film van Fritz Lang uit 1929, een van de laatste Duitse stille films."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 33
Ze Noemden Hem Rooie
Over reële personages: "Ik ben niet zo tevreden over het personage Rob-Vel die ik zo goed mogelijk heb gestileerd op basis van enkele foto's. Een karikatuur naar een bewegingsloos portret is altijd moeilijk. Reële personages met pure fictie mengen is net zo moeilijk. Sommige personages, zoals de kapitein, zijn gaandeweg beter geworden, Rob-Vel helaas niet."

Over de schetsen van Rob-Vel: "Robert Velter tekende veel als hij op zee voer en een deel van zijn schetsen is gereproduceerd in de integrale van zijn Robbedoes-strips, onder meer de groom die een gans wurgt. Die heb ik hier gekopieerd in zijn schetsboek. We weten ook dat hij soms de menukaarten aan boord illustreerde."

Over details: "Yves beschreef heel nauwkeurig al zijn personages, zelfs de bijrollen. Ik weet waar ze vandaan komen, wat ze doen in hun leven. Een luxehoeveelheid details waar ik vragende partij voor was. Er is nooit te veel informatie. Op basis daarvan put ik uit mijn schetsboeken (met vluchtige silhouetten of schetsen die ik op straat maakte), of ook uit een map waarin ik foto's verzamel van interessante 'smoelen'."

Over teksthoeveelheid: "Er staat veel tekst in het scenario van Yves. Zijn betoog is dat als je de lezer meer te lezen geeft, hij door het tragere leestempo ook meer de tekeningen bewondert. Maar het is soms een kopzorg om alles erin te krijgen! Ik plaats de tekstballonnen in de eerste versie van de potloodtekeningen en ik schik ze definitief wanneer de lettering wordt uitgevoerd (handmatig, zoals Roba)! Het resultaat bevalt me niet altijd, hier bijvoorbeeld stoort me de enorme lap tekst in prent 3 tussen de personages."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 34
Ze Noemden Hem Rooie
Over Juliette: "Juliette maakte het me moeilijk. Dertien-veertien jaar is een moeilijke leeftijd, tussen een kind en een jong meisje. Maar ik heb haar graag getekend. Ze werd snel even belangrijk als Rooie. Ik heb me toegespitst op alle houdingen en expressies door veel voorstudies te maken (ze staan in de luxe-editie die in het Frans in januari verschijnt). Yves is compleet verliefd geworden op onze Juliette. We vinden haar dus terug in volgende avonturen."

Over vintagekleuren: "Ik bedenk mijn tekeningen altijd in zwart-wit. De inkleuring volgt achteraf, uitgevoerd met ecoline op de oude manier op blauwdrukken. Ik kan helemaal niet overweg met computers. Zelfs om een prent te veranderen op een plaat, haal ik er een snijmes en lijm bij. Ik ben er niet helemaal tevreden over, maar ik sta achter mijn ietwat vage kleurtinten die er een vintage look aan geven."

Over gebruiksvoorwerpen: "Bovenop mijn puntig penseel met marterharen heb ik voor het inkten van dit album een heel gamma voorwerpen gebruikt: botte scheermessen die een beetje vuile lijnen geven, watjes, sponzen, doek, een oud penseel dat zijn haren verliest, een tandenborstel om golven te besproeien met witte plakkaatverf. Opwindend."

Over het silhouet: "Het zwarte silhouet in de laatste prent is een heel efficiënte keuze, maar het is niet altijd zo simpel om een bewegend figuur te tekenen. Het geheim is om eerst het normaal belichte personage te tekenen, bijna tot de vestknopen toe, en het dan zwart te maken als hij op punt staat. Alleen maar een silhouet komt niet altijd over. Conclusie: voorstudies, en nog voorstudies!"


Griffo over S.O.S. Geluk seizoen 2 1
30/12
TOP
S.O.S. Geluk seizoen 2 1
Onderstaande bijdrage van Sophie Bogrow verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 108 van november 2017.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 15
S.O.S. Geluk seizoen 2 1
Over een update: "Ik had al langer zin om dit verhaal weer op te pikken. Het was in 1983 mijn eerste serieuze contract. Er was volgens mij een update nodig. Al wat Jean Van Hamme indertijd voorspelde, is min of meer uitgekomen: de universele sociale zekerheidkaart, ideologische censuur onder het mom van marketing, enzovoort. Voor een lezer van nu is de eerste cyclus nauwelijks futuristisch."

Over levensduur: "Ik heb Van Hamme bijna gestalkt, maar er was niets aan te doen. Voor hem is het hoofdstuk afgesloten. Misschien was het niet zijn beste herinnering, gezien het eerst voor tv was bedoeld en het na afwijzingen in een lade belandde. Nochtans bewees het onmiddellijke succes, sinds de publicatie in Robbedoes, dat het onderwerp niet 'te zwaar was voor de jeugd'. De lange levensduur is zelfs verrassend, dat merk ik aan de auteursrechten die ik maar blijf opstrijken."

Over mode: "Het verhaal was van bij het begin een mix van retro-, hedendaagse en futuristische elementen. Ik had alles wat in de jaren 1980 te modieus was vermeden: lange haren, olifantenpijpen, disco... Prima intuïtie, want de eerste S.O.S. Geluk is niet verouderd en ik vind er nog steeds aansluiting mee."

Over kunst: "Belgische lezers herkennen misschien het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen. Als student woonde ik er vlakbij. Op uitdrukkelijke vraag van Stephen Desberg introduceerde ik er wat Australische aboriginalkunst in. Een schilderij dat ik op internet vond, komt min of meer overeen met de interpretatie die het personage eraan geeft. Het is op de grens van het abstracte, of zelfs psychedelische hallucinatie!"


COMMENTAAR BIJ PAGINA 16
S.O.S. Geluk seizoen 2 1
Over de stad: "Bijna alle gebouwen die ik teken bestaan, inclusief de futuristische gebouwen. Ik heb ze voor de chique wijken bewaard. Maar ik meng plaatsen als Parijs, Brussel, New York, enzovoort. Mijn stad is een grote collage die onmogelijk valt te situeren in tijd en ruimte."

Over wagens: "Zoals veel tekenaars heb ik een zwak voor oude wagens — de Tractions, de 2CV, de 4L, het Volkswagenbusje of het bestelwagentje van Citroën met de golfplatencarrosserie... In dit retrofuturisme kan ik mijn hartje ophalen. Mijn favoriet blijft de DS (er zit er een in het album) die er nog steeds uitziet alsof hij van een andere planeet komt! Ik heb instinctief de neiging om Amerikaanse wagens voor de slechteriken te tekenen: grote, zwarte, bedreigende limousines."

Over kerk en staat: "Voor de sterke arm van de huwelijkspolitie voegde ik aan het Matrix-achtige uniform de Romeinse boord van geestelijken. Als herinnering aan de tijd dat ze het voor het zeggen hadden in onze maatschappij. Dat gold misschien wat minder voor Frankrijk dankzij de scheiding van kerk en staat. Maar wie in de jaren 1950 in Vlaanderen werk wilde krijgen, moest via de priester gaan. En in het Spanje van Franco knielde men nog steeds wanneer een bisschop passeerde."

Over truken: "In Franco-Belgische strips zijn haast geen bewegingslijntjes meer te zien. Ik gebruik net graag die grafische hulpmiddelen die eigen zijn aan ons medium — zoals het over elkaar plaatsen van een prent om een beving weer te geven. Ik vind het jammer dat ik niet onze hele trukendoos heb gebruikt. Is dat niet modern meer? Goed dan, laten we het er dan op houden dat ik aanleun bij de stijl van de jaren 1980."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 28
S.O.S. Geluk seizoen 2 1
Over hidjab: "Ik heb via tientallen handleidingen op YouTube bestudeerd hoe jonge moslima's hun hidjab omdoen. Het is een hele mode, een elegant spel, misschien zelfs gesofisticeerder dan de veronderstelde zedigheid van het accessoire! Laziza kwam voort uit een van die filmpjes."

Over architectuur: "Ik bezit een dik boek over stalinistische architectuur dat ik heb gekocht toen ik met Yves Swolfs aan Vlad werkte. Door ze te kruisen met de modernistische gebouwen uit de jaren 1950-1960 komen we aan een deprimerende, 'constructivistische' plek. Het 'deconstructivisme' behoud ik voor de mooie wijken vol afwijkende geometrie, bogen en zuilen."

Over slogans: "Om de sociale druk te benadrukken vond Van Hamme toepasselijke slogans uit over gezondheid, kunst, enzovoort. Desberg deed dat niet. Omdat ik die wilde behouden voegde ik in het decor oude Sovjetaffiches met herwerkte kleuren aan toe met de hulp van inkleurder Florent Daniel, die beter Photoshop beheerst dan ik."

Over filmreferenties: "Ik had graag het hele album in een gelige toon laten baden om de malaise te accentueren, zoals in de film Enemy. Films inspireren me veel voor de sfeer, de decors, de kleuren. Mijn harde schijf zit vol referentiefilms: van het verwoeste Sarajevo in Angelopolous (De Starende blik van Ulysses) over La Haine, Banlieu 13, Das Leben der Anderen tot komedies uit de seventies (Elle Court, Elle Court la Banlieu)."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 29
S.O.S. Geluk seizoen 2 1
Over zwart: "Het verhaal van Laziza is een van mijn favoriete. En het was het eerste van dit album dat ik heb getekend. Grafisch staat het dichter bij de eerste cyclus met een nogal lineaire tekenstijl. Later gaf ik geleidelijk aan meer belang aan zwart. Als ik ze al niet zelf inkleur, probeer ik mijn platen niet voor me te zien in kleur."

Over beton: "Waar ik woon, op mijn bergflank van een van de Canarische Eilanden, kan ik me makkelijker een benauwender stadsleven voorstellen en tekenen. Voor mijn venster groeit de natuur weelderig. In de stad, op elkaar gepakt, zonder hemel en bomen, zou ik ongetwijfeld depressief worden! Hoewel ik twintig jaar in Brussel of Antwerpen heb gewoond, word ik elke keer weer getroffen door de eigenschappen van beton, wagens, mensen, vervuiling. Stadsbewoners zien niets anders!"

Over visies: "De visie van Van Hamme was veeleer wanhopig. Hoewel ik het einde van deel 2 nog niet heb ontvangen, is Stephens visie minder pessimistisch. Dat is ook een kwestie van de periode. We kunnen ons pessimisme veroorloven wanneer het goed gaat, zonder terroristische of economische dreiging. Maar als het slecht gaat, hebben we hoop nodig. Hollywood produceerde zijn vrolijkste films tijdens de nasleep van de Grote Depressie."

Over een vervolg: "Op het vervolg van het tweeluik na is er momenteel geen sprake van een vervolg. Nochtans zou ik daar meteen voor tekenen! Er zijn nog zoveel thema's die ik graag zou behandelen: genetische manipulaties, het klimaat, de robotisering,... Als je er de technische evolutie sinds de jaren 1980 op naslaat, kunnen we ons in 2050 aan alles verwachten, hé?"


TOEKOMST
Te Verschijnen
Op Stapel
TOPPERS
13 x XIII
14-18
De 25 bekendste konijnen
20 jaar Arcadia, 20 topstrips
25 jaar Vrije Vlucht
30 jaar Kiekeboe
49 Kanjers van Oranje
50 jaar De Rode Ridder
60 jaar Nero
70 jaar Kuifje-weekblad
Aantrekkelijkste Heldinnen Top 540
Asterix Top Six
Batmanspecial
BelgenTop 100
De Blauwbloezen Top 49
De Grenzeloze Top 500 (2010)
De Grenzeloze Top 500 (2012)
De Honderd Hoogtepunten van Willy Vandersteen
De Rest van de Wereld Top 50
FransenTop 100
Jaartoppers
Jommeke Top 10
Koppeltjestop 20
Napoleon in de strip
ReeksTop 50
Robbedoes
Schrijvers over Strips
Schurken- & Feeksentop
Star Wars
Suske en Wiske: 70 stroken in 70 dagen
Urbanus Top 15
De Wereld rond Franquin
Westernstrips