Daedalus Saga Uitgaven Uitgeverij L  
 
De Commentator

Toegevoegd op 13 september:
Kristof Berte over Lise op Monstereiland 2 (3)

Toegevoegd op 10 september:

Franky Drappier over Romeinse Inval in de Lage Landen

Toegevoegd op 1 september:

Tom Bouden over Kroepie & Boelie Boemboem 4

Toegevoegd op 1 augustus:

Pierre Alary over Conan 1
De volgende auteurs leverden ook al bijdragen. Klik op hun naam om verder te gaan naar hun afzonderlijke pagina:
Ivan Adriaenssens
Pierre Alary
Sytse S. Algera
Alex Alice
Christophe Alliel en Aurélien Ducoudray
Jesús Alonso en Olivier Visonneau
Anlor
Mohamed Aouamri
Ger Apeldoorn
Dimitri Armand
Jean-Michel Arroyo

Laurent Astier
Antoine Aubin en Étienne Schréder
Virginie Augustin
Philippe Aymond
Denis Bajram
Balak
Olivier Balez en Pierre Christin
Alessandro Barbucci
Jean Bastide
Raphaël Beuchot
Batem en Colman
Kristof Berte
Philippe Berthet
Georges Bess
Lük Bey
Enki Bilal
De Blauwbloezen
Frédéric Blier
Olivier Boiscommun
Matthieu Bonhomme
Cyril Bonin
François Boucq
Tom Bouden
François Bourgeon
Marc Bourgne
Enrique Breccia en Xavier Dorison
Daniel Brecht
Ken Broeders
Frédéric Brrémaud
Brüno
Max Cabanes
Charel Cambré
Barbara Canepa
Theo Caneschi
Paul Cauuet
Lounis Chabane
Jean-Christophe Chauzy
Didier Conrad en Jean-Yves Ferri
Luc Cromheecke
Criva en Verhast
Steve Cuzor
Robbert Damen
Sébastien Damour
Frodo De Decker
Nicolas de Crécy
Erik de Graaf
Aimée de Jongh
Philippe Delaby
Marissa Delbressine
Nicolas Delestret en Stéphane Massard
Jean-Yves Delitte
Marc de Lobie
Thierry Démarez
Philippe Delzenne
Pieter De Poortere
François Dermaut
Maarten De Saeger
Jorg de Vos
Lode Devroe
Geert De Weyer
Bruno Di Sano
Terry Dodson
Franky Drappier
Thomas Du Caju
Kim Duchateau
Bruno Duhamel
Ersel
Chris Evenhuis
David Felizarda Real
Adrien Floch
Philippe Francq
Fred
Paul Gastine
Philippe Gauckler
Bruno Gazzotti
Christian Gine
Antoine Giner-Belmonte
Thierry Girod
Carlos Gomez en Arnaud Delalande
Eugeen Goossens
Mars Gremmen
Olivier Grenson
Griffo
Juanjo Guarnido
Richard Guérineau
Hardoc
Alain Henriet
Hermann
Eric Heuvel
José Homs
Hub
Romain Hugault
Miles Hyman
Zoran Janjetov
Jeroen Janssen
Philippe Jarbinet
Iouri Jigounov
Jim
Milan Jovanovic
André Juillard
Nicolas Keramidas
Kerascoët
Patty Klein
Hanco Kolk
Jean-Charles Kraehn
Hugues Labiano
José Ladrönn
Juan Louis Landa en Sandro Raule
Mathieu Lauffray
Christian Lax
Olivier Ledroit en Thomas Day
Hec Leemans
Frank Le Gall
Marc Legendre
Jérôme Lereculey en David Chauvel
Simon Léturgie
éric Liberge
Ingrid Liman
Willy Linthout
Régis Loisel
Régis Loisel en Jean-Louis Tripp
Giovanni Lorusso en Olivier Peru
Stéphane Louis
Maël
Vincent Mallié
Milo Manara
Wauter Mannaert
Fabio Mantovani en Philippe Nihoul
Frank Margerin
Enrico Marini
Marmus
Marvano
Scott McCloud
Fabrice Meddour
Merho
Ralph Meyer
Mezzo
Gilles Mezzomo
Guy Michel en Arnaud Delalande
Mikaël
François Miville-Deschênes
Arno Monin
Thimothée Montaigne
Romano Molenaar en Jorg de Vos
Jean-Louis Mourier
José-Luis Munuera
Federico Nardo en Pierre Makyo
Viviane Nicaise
Peter Nuyten
Tiburce Oger
Minck Oosterveer
Danker Jan Oreel
Marcel Pagnol
Joël Parnotte
Frank Pé
Cyril Pedrosa
Frederik Peeters
Patrice Pellerin
Claude Pelet
Rubén Pellejero
Philippe Pellet
Régis Penet
Jérémy Petiqueux
Nicolas Petrimaux
Federico Pietrobon
Didier Poli en Robin Recht
Jean-Michel Ponzio
Francis Porcel
Bart Proost
Mike Ratera
Riff Reb's
Reno
Mathieu Reynès
Roberto Ricci
Willem Ritstier
Grzegorz Rosinski
Christian Rossi
Marcel Rouffa
Corentin Rouge
Kenny Rubenis
Marcel Ruijters
Paul Salomone
Riad Sattouf
François Schuiten
Olivier Schwartz
Stéphane Servain
Christophe Simon
Benoît Sokal
Kristof Spaey
Benoît Springer
Naomi J. Strijdonk
Roman Surzhenko
Yves Swolfs
Olivier TaDuc
Jirô Taniguchi
Jacques Tardi
Paul Teng
Marlon Teunissen
Béatrice Tillier
Ronan Toulhoat
Lewis Trondheim
Albert Uderzo
Gerben Valkema
Sylvain Vallée en Fabien Nury
Steve Van Bael
Rob van Barneveld
Rob van Bavel
Daniel van den Broek en Ivan Claeys
Robert van der Kroft
Wilbert van der Steen
Michiel van de Vijver
Maarten Vande Wiele
Jean Van Hamme
Hans van Oudenaarden
Jos Vanspauwen
Olivier Vatine
Dan Verlinden
Laurent Verron
Vincent
Bastien Vivès
Thomas von Kummant
Éric Warnauts en Guy Raives
Colin Wilson
Philippe Xavier
XIII Mystery
Bernard Yslaire
Zep
open brieven
 
Kristof Berte over Lise op Monstereiland 2 (3)
13/09
TOP
"Wel, mijn taak zit erop. Sinds een tweetal weken is het tekenwerk voor het tweede album klaar, zijn de platen gescand en digitaal opgekuist, en werden alle bestanden overgemaakt naar de inkleurder. Nu ligt alles in handen van anderen. Dat wil niet zeggen dat ik geen werk meer heb: er moet nog heel wat overlegd en besproken worden.

Mijn 'team' bestaat momenteel uit scenarist Barcas, inkleurder Tom Metdepenningen en Joey Potargent, die zorgt voor de tekstballonnen en de lettering. Het begint bijna op een studio te lijken. Ik vind het wel leuk om me te omringen door mensen die goed zijn in wat ze doen. Iedereen heeft zijn eigen specialiteit en het album kan er alleen maar beter door worden.

Lise op Monstereiland 2

Ondertussen ligt ook deel 1 terug in de winkel, uitgebracht door uitgeverij Syndikaat. Om nieuwe kopers te overtuigen, kreeg het album enkele extra's. Het meest opvallende is uiteraard de nieuwe cover. Maar binnenin kan je ook een nieuwe titelbladillustratie terugvinden. Ik pikte het ideetje in feite van de reeks Jump, door Charel Cambré. Die reeks werd indertijd opnieuw uitgebracht bij Strip2000 en de titelbladillustratie werd voor elk album door een andere stripmaker getekend. Dat zal ook voor alle albums van Lise op Monstereiland gebeuren. Cambré zelf gaf de aftrap met de eerste tekening, een prachtige volwassen versie van Lise.

Lise op Monstereiland 2

Een tweede extra, die voortaan in elk album zal terugkomen, is een landkaart van de Monsterwereld (inkleuring door Shirow Di Rosso). Een wereld die we Eikasia doopten, de Griekse vertaling van 'verbeelding'. En nu hebben we meteen een pak nieuwe locaties voor nieuwe albums van Lise, of eventueel zelfs voor andere personages en verhalen.

Lise op Monstereiland 2

Sommige plaatsnamen op de kaart werden verzonnen door scenarist Barcas en andere bedacht ik samen met mijn dochter Lise. Er zitten ook een aantal stripverwijzingen in. Ik hou ervan om easter eggs te verstoppen in de albums. In deel 1 verwijs ik regelmatig naar andere stripreeksen, of films en televisieseries. Stripliefhebbers laten me regelmatig weten dat ze deze knipoogjes erg leuk vinden. Sommigen zien zelfs referenties die niet als dusdanig bedoeld waren. Meestal gaat het dan over Monsters Inc. Het scenario van Lise op Monstereiland vertoont blijkbaar enkele opvallende gelijkenissen met die Pixar-film. Maar met de hand op het hart: dat is puur toeval. Ik had de film zelfs nog nooit volledig gezien vooraleer ik het album afwerkte.

Ook in deel 2 zit er een pak knipoogjes verwerkt, vooral in het begin. Naarmate het album vordert, heb ik dit bewust wat teruggeschroefd om te vermijden dat de zoektocht naar easter eggs zou afleiden van de leeservaring. Maar bijvoorbeeld op onderstaande strook kan je er een aantal terugvinden.

Lise op Monstereiland 2

Nu het tweede album zo goed als afgewerkt is, stort ik mezelf volop op de promotie. Volgende keer meer daarover!"


Franky Drappier over Romeinse Inval in de Lage Landen
10/09
TOP
Romeinse Inval in de Lage Landen
Het door Franky Drappier getekende Romeinse Inval in de Lage Landen is het dertiende educatieve album van EurEducation. Het verhaal werd zoals steeds geschreven door Jan Kragt. In deze making-of bespreekt Franky Drappier zijn werkwijze.


Hoe komt een EurEducation-strip tot stand?

Na het ontvangen van het script begint het opzoekingswerk. Veel opzoekingswerk. Omdat de strip gebaseerd is op geschiedenis moeten alle elementen historisch accuraat zijn. Gelukkig is er over die periode van de eerste eeuw voor tot de tweede eeuw na Christus veel bekend. We beschikken over een schat aan informatie, genoteerd door de Romeinse geschiedschrijvers. De Romeinen hebben ook heel wat materiaal achtergelaten dat nu tentoongesteld wordt in allerlei musea. Hoe de Germanen in onze streken leefden weten we ook via Romeinse geschiedschrijving en archeologische vondsten.

In het Archeon (Alphen aan den Rijn) staat een gereconstrueerde, accurate hoeve uit de ijzertijd, inclusief werktuigen, totems en zelfs een figurant in de juiste kledij. Dankzij de foto's, die ik in en rond deze hoeve kon maken, en de vakkundige uitleg van de plaatselijke archeoloog had ik meteen een stevige basis voor mijn tekenwerk aan Germaanse zijde. Aan Romeinse zijde heb ik, waar mogelijk, gewerkt rond sculpturen van historische figuren. Rond uniformen, forten, kampen en wapens bestaat een schat aan beeldmateriaal.

Romeinse Inval in de Lage Landen


Traditioneel of digitaal?
Als ik heel eerlijk ben, is het pas sinds ik digitaal ben gaan tekenen dat ik mijn "draai" in het striptekenen gevonden heb. Het liet me toe om, zonder mijn kantoor te moeten ombouwen, snel even een tekening of illustratie te maken. Ik werkte eerst op een wacomtablet, maar de oog-handcoördinatie bleef een beetje een probleem. Mijn eerste gepubliceerde stripje in De Pierkes Twieje is nog op die tablet gemaakt. Na de aanschaf van mijn eerste tekenmonitor ging alles veel vlotter. Ik kreeg vanaf toen ook meer opdrachten omdat ik meer werk op het internet postte. Efficiëntie is een grote voordeel van een digitale workflow.

Om praktische redenen is het heel handig digitaal te werken. Geen gedoe met vellen papier, potloodjes, inktvlekken en verfpotjes en met een goede tekenmonitor in de studio voelt digitaal tekenen heel natuurlijk aan. Ik ben eraan gewend en geef de voorkeur aan digitaal werken. Toch vind ik het leuk om op papier te schetsen: in schetsboekjes, op losse vellen tekenpapier en op mijn voorbereide stripbladen. Ik gebruik een Canson 200 G waar ik een aantal richtmaten op voorhand op afdruk, wat erg handig is bij de pagina-indeling. Romeinse Inval in de Lage Landen heb ik volledig in potlood geschetst en hoofdzakelijk digitaal geïnkt. Soms inkt ik ook nog wel eens op de traditionele manier, gewoon om het métier in de vingers te houden. Ik ga dan ook wel voluit en gebruik enkel Oost-Indische inkt. Markers zijn dan uit den boze. Ik heb nu ook een aparte tekenruimte waar ik gemakkelijker met traditioneel materiaal kan werken.

Traditioneel of analoog: ik streef uiteindelijk steeds naar een organisch resultaat: niet té glad, met hier en daar wat textuur. Bij het inkten heb ik door de jaren heen een peninstelling gevonden die dicht aanleunt bij wat ik met Oost-Indische inkt doe. Bij het inkleuren is mijn techniek analoog aan werken met plakkaatverf of acryl waarbij ik, binnen de software, dekkend werk met waterig uitwassen afwissel. Op die manier kon ik in dit album de inkleuring van Yara Noë verder afwerken.

Romeinse Inval in de Lage Landen


Opbouw van een pagina
De scenario's van Jan Kragt zijn doorlopende teksten, onderverdeeld in pagina's. Het is dus aan de tekenaar om zelf de dialogen, de pagina-indeling en het aantal vakjes te gaan bepalen. Jan geeft meestal wel een beschrijving van de omgeving mee. Dit betekent voor de tekenaar een beetje meer werk, maar anderzijds geeft het ook heel wat vrijheid. Het laat me bij het lezen van het scenario toe een hiërarchie te vinden in wat visueel interessant kan zijn. Die interessante scènes probeer ik wat extra in de verf te zetten waardoor je wat ritme in de pagina's brengt. Als tekenaar is het ook altijd leuk eens tekeningen in de strip te stoppen die heel gedetailleerd zijn. In Romeinse Inval in de Lage Landen zitten heel veel leuke details, verwijzingen naar andere strips, films en bestaande plaatsen waar de doorsnee lezer wellicht over kijkt, maar waar ik veel plezier aan had om ze er in te stoppen. Dat maakt strips tekenen extra leuk.

Romeinse Inval in de Lage Landen

Romeinse Inval in de Lage Landen


Tom Bouden over Kroepie & Boelie Boemboem 4
01/09
TOP
Kroepie & Boelie Boemboem 4
Tom Bouden publiceert zijn vierde album met de professionele nevenstrippersonages Kroepie en Boelie Boemboem. In het album Arf Arf stikt het als vanouds van de knipogen. Er staan ook kortverhalen in met andere en ook bekende stripfiguren. Tom Bouden licht een en ander toe.


S versus S

Het idee om eens iets rond Sjors en Sjimmie te doen, kwam er toen ik voor Brabant Strip Magazine een dossier rond Jidéhem samenstelde. Daarin zat een stukje over De Sliert waarin werd vermeld dat de Amerikaanse stripfiguur Perry Winkle zowel een Franse versie (Bicot) als een Nederlandse versie (Sjors) kreeg. Het leek me leuk om iets te doen met het gegeven van die verschillende dubbelgangers. Mijn eerste scenario was vier pagina's lang, maar bestond eigenlijk bijna volledig uit pratende hoofden en ik was daar niet helemaal tevreden mee. Ik heb aan collega Mars Gremmen (ooit nog een scenarist van Sjors en Sjimmie) wat advies gevraagd, en op zijn aanraden heb ik meer actie en visuele humor aan het verhaal toegevoegd. Het werd meteen ook twee pagina's langer.
Een bijkomende moeilijkheid was dat de rechten op de meest recente versie van Sjors en Sjimmie zitten bij een uitgever die extreem onsoepel is in het afstaan van die rechten. Zelfs de tekenaars mogen amper iets doen met hun (vroegere) figuren, ook al gebeurt er verder helemaal niets meer met Sjors en Sjimmie. Dus moest ik dat omzeilen met een paar slimme scenariotrucjes, wat volgens mij wel gelukt is. De laatste prent van het verhaal was meteen ook een prima excuus om wat bekende Nederlandse striphelden in de achtergrond te smokkelen.

Kroepie & Boelie Boemboem 4



Het Verhaal van Papeye en Erwtjes Uitstap
Kroepie & Boelie Boemboem 4

Al jaren ben ik een grote fan van de Popeye-strips. Een van mijn oudste stripherinnering is dat ik bij mijn grootmoeder een Popeye comic lees waarin staat uitgelegd hoe je zijn hoofd moet tekenen. Natuurlijk heb ik dat meteen geprobeerd. Dat hoofd duikt later ook nog eens op in een van mijn allereerste stripjes. Ondertussen heb ik van vijf verschillende tekenaars originele Popeye-pagina's in mijn bureau hangen, vooral op de Bud Sagendorf-strook en -pagina ben ik heel trots. Van Segar, de bedenker van de figuur, heb ik helaas geen werk. Daarvoor is mijn inkomen als simpele stripmaker ietsje te klein.
In 2012 verschenen er plots nieuwe Amerikaanse comics rond het personage bij uitgeverij IDW. Die nieuwe verhalen werden geschreven en soms ook getekend door Roger Landridge (ook van hem heb ik een pagina hangen). Maar meestal werd er gewerkt met wisselende tekenaars. Toen ik de eerst nummers zag dacht ik: dat kan ik beter! Ik sprak daarover met Nederlands stripkenner en scenarist Ger Apeldoorn, die ook een Popeye-fan is. Niet alleen wou hij ook graag eens iets schrijven voor die reeks, hij bleek ook bevriend te zijn met de uitgever van die comics en stelde voor om samen een kortverhaaltje te maken als voorbeeld van ons kunnen. Dat werd Het Verhaal van Papeye, dat we volgens het Marvel-systeem maakten. Dat houdt in dat we samen een verhaallijn hebben bedacht dat ik daarna volledig uittekende waarna Ger er overal tekst aan toevoegde. Niet de meest gangbare manier van werken, maar het heeft naar mijn gevoel wel een heel leuk verhaaltje opgeleverd.
Daarnaast heb ik als vingeroefening ook nog een eigen scenario uitgetekend. Dat was hoofdzakelijk visueel en is werkelijk iets helemaal anders dan alles wat ik ooit heb gemaakt. Het was heel leuk om de vierde dimensie, de thuiswereld van het mythische diertje Jeep, vorm te geven. Eigenlijk is die vierde dimensie qua concept gebaseerd op enkele stroken die Popeye-tekenaar Bobby London begin jaren 1990 tekende, maar ik heb er een Segar-sausje overheen gegoten. Beide verhalen zijn bij IDW terechtgekomen, maar helaas net op het moment dat er besloten was om met de reeks te stoppen wegens tegenvallende verkoopcijfers.
Gelukkig is Popeye ondertussen rechtenvrij in Europa en kan ik beide verhaaltjes toch nog publiceren in deze bundeling. Daarvoor moesten ze natuurlijk in het Nederlands vertaald worden, en dat was toch iets minder gemakkelijker gezegd dan gedaan. In de Engelstalige versie heeft Popeye al sinds het begin een raar spraakgebrek. In Nederlandse vertalingen werd dat altijd genegeerd en spreekt Popeye net als alle andere personages normaal Nederlands, maar ik wou dat specifieke taaltje van Popeye er ook in het Nederlands in. Dus dat was eventjes zoeken.

Kroepie & Boelie Boemboem 4
Kroepie & Boelie Boemboem 4


Kroepie & Boelie Boemboem 4Felix Flint
Felix Flint was een tussendoortje uit 2013, een jaar waarin ik het qua strips eventjes niet meer zag zitten toen Tom Jones en Positief, twee albums van me waar ik veel tijd, werk en ziel had ingestoken het heel slecht deden in de winkels. Felix Flint is dus iets geworden wat zowel qua tekenstijl als inhoud iets helemaal anders was. Het voor mijn doen extreem kort verhaaltje is pure pulp, en geïnspireerd door de romanpersonages Sexton Blake en Ellery Queen, die ik in die periode leerde kennen, en de hilarische strips uit 1930 over avonturier Hearbreadth Harry (een ware aanrader, helaas nergens gebundeld te vinden. Willy Linthout plaatste ooit enkele afleveringen in een Urbanus Winterboek, ik heb er nog enkele in een Amerikaanse anthologie staan, maar de meeste afleveringen ken ik van het internet).
Inhoudelijk is het zeker iets helemaal anders dan de uit het leven gegrepen verhalen die ik daarvoor had gemaakt. Het was de bedoeling er een reeks van te maken, maar het uitwerken ging moeizamer dan verwacht, en na één verhaal leek de grap me al op.
Ook voor de inkleuring wou ik eens iets anders proberen, dus heb ik het verhaal in sepiatinten ingekleurd, zoals in de oude tweekleurendruk van de Suske en Wiske-albums. Dat leek me wel te passen bij het retropulpkarakter van het geheel.
Ergens op de achtergrond staat een dode, opgezette Jeep waardoor het verhaal toevallig mooi aansluit bij een van de Popeye-verhaaltjes.


Kroepie & Boelie Boemboem 4De Avonturen van Fuifje
Dit verhaaltje is maar twee pagina's lang, maar ik heb er wel vijf jaar over gedaan om het af te werken. Oorspronkelijk had ik twee geschetste pagina's waarvan een halve pagina ook uitgetekend was. Maar na die halve pagina had ik geen zin meer om de rest af te werken. Het scenario maken was nu eenmaal leuker dan het uittekenen. En dus bleef het jarenlang op een hoekje van mijn tekentafel liggen. Een vriend van me kreeg de slappe lach bij het lezen van de laatste stroken. Alleen al daarvoor was het uiteindelijk toch de moeite van het maken waard.
Ik hanteer een paar verschillende stijlen in dit album. De meeste verhalen zijn getekend in een typisch (Vlaamse) stripstijl, vergelijkbaar met pakweg F.C. De Kampioenen, Suske en Wiske, Jommeke,... In die stijl zijn de meeste houdingen variaties op dezelfde basishoudingen en teken je zowat alle houdingen gewoon uit het hoofd. Fuifje vergt toch wat meer realisme, ook al valt dat misschien niet direct op. Het verhaal van De Lustig Kapoentjes, dat ook in dit album staat, zit ergens tussen beide stijlen in. Dat betekent dat ik voor die tekeningen niet tevreden ben met bijvoorbeeld telkens dezelfde plooien in kledij en telkens weer dezelfde handhoudingen (vuistje, vingertje in de lucht, open palm met gestrekte vingers,...) Ik wil dat zo realistisch mogelijk hebben. De manier hoe een pink beweegt ten opzichte van de andere vingers als iemand bijvoorbeeld een glas vastpakt, is maar een klein detail, maar het maakt een houding echter. Idem voor hoe de plooien in een T-shirt vallen. Vandaar dat ik voor die strips heel veel foto's van mezelf als voorbeeld maak, zelfs voor schijnbaar banale handelingen zoals het drinken van een blikje of het vasthouden van een gsm. Het zorgt ervoor dat mijn personages zoveel echter 'acteren' dan ze doen als ik het gewoon uit het hoofd teken. Vroeger moest je als tekenaar iemand hebben die voor je kon poseren, dankzij de overal ingebouwde digitale fototoestellen van nu kan je dat gewoon eventjes vlug zelf doen.


Kroepie & Boelie Boemboem 4De Verdwenen Professor
De Verdwenen Professor begon zijn leven als een projectje dat ik samen met Dirk Stallaert heb bedacht. Bedoeling was om een Robbedoes en Kwabbernoot/Kuifje-achtige strip te maken over een jonge internetmiljonair die zijn vrije tijd vult met te doen alsof hij een avonturenheld is zoals hij ze kent van de strip- en tv-reeksen waarvan hij fan is. Ik had daar een proefscenariootje voor geschreven, maar wegens tijdsgebrek van Dirk is dat in de lade blijven liggen. Voor dit album heb ik er een Kroepie & Boelie-verhaal van gemaakt. Daarvoor moest ik enkel de inleidende pagina schrappen.
Ook deze keer is de inkleuring een experiment geworden. Het was de bedoeling het verhaal gewoon in te kleuren, en dus begon ik met het inkleuren van de lichte huidtinten van de hoofdpersonages gevolgd door hun kledij waarvoor ik enkel blauw en rood nodig had. Toen dat klaar was had ik een verder oningekleurde pagina waar de hoofdpersonages op ieder prentje duidelijk zichtbaar aanwezig waren. En ik vond dat eigenlijk wel iets hebben. Dus besloot ik de rest van de pagina's ook zo in te kleuren, als een gedurfd inkleurstatement. Dát of ik was gewoon lui.
Terwijl ik dit schrijf zie ik overigens dat ik een foutje heb laten staan op de eerste pagina van het verhaal. Typisch. Inkleurfoutjes zie je altijd beter in druk dan op het computerscherm.


Kroepie & Boelie
Doorheen het album staan een paar éénpaginastrips met Kroepie en Boelie. Het zijn niet echt gags, het zijn ook geen korte verhaaltjes. Eerder overwegingen over typische stripelementen en bijna allemaal kleine vormexperimenten. De eerste pagina heeft het soort vergezochte paginalay-out die ik ook al gebruikte toen ik En Daarmee Basta! lay-outte. En dat was dan weer beïnvloed door de geniale comics die J.H. Williams III tekende en die ik in die periode pas had ontdekt. In dit specifiek geval heb ik me echter zwaar laten beïnvloeden door een strip van een zekere Leon Rose uit het tijdschrift Fillette uit 1912 dat ik ooit eens op een stripbeurs heb gekocht. Prachtig werk, maar niet iets wat ik sinds het stopzetten van En Daarmee Basta! gemakkelijk als voorbeeld kan gebruiken in mijn eigen werk. Tot nu dus.


Maar eigenlijk is de pagina ontstaan omdat ik eens iets wou maken in de stijl van langschapsschilderijen uit de zeventiende en achttiende eeuw. Ik hou van de manier waarop ze daarop bomen weergeven. In mijn tekenstijl is dat natuurlijk niet meer hetzelfde, maar desondanks hou ik van het tekenen van bomen. De meeste tekenaars tekenen die als een buis met een bol groen op, maar ik vind het juist leuk om lekker grillige stammen te tekenen. Helaas krijg ik daar niet zo vaak de gelegenheid toe. Zelfs op deze pagina heb ik achteraf bekeken amper (speciale) bomen getekend. Tussen inspiratie en het uiteindelijke resultaat ligt soms een groot verschil.

Kroepie & Boelie Boemboem 4
Kroepie & Boelie Boemboem 4

De tweede pagina kwam er na het lezen van een bundeling Little Nemo-strips. Prachtig werk dat ik zelfs nooit ga kunnen benaderen. Dus heb ik er mijn eigen draai aan gegeven. De onderste strook is een verwijzing naar een Robbedoes-verhaal van Jijé. En het laatste prentje is beïnvloed door enkele Jommeke-albums. Als twee lezers dat door zullen hebben, zal het al veel zijn. Maar toch vind ik dat soort verwijzingen leuk om erin te stoppen.
De vierde pagina is vormelijk dan weer beïnvloed door het werk van Frank King voor zijn stripreeks Gasoline Alley. Zijn zondagspagina's waren vaak ware pareltjes. Hij combineerde inventieve tekeningen en concepten met een uitzonderlijk kleurenpalet. Mijn pagina is een flauw afkooksel daarvan. Opnieuw heb ik daarop dingetjes verstopt die wellicht niemand zal opmerken, zoals de decors die op elkaar aansluiten. En misschien gaan sommigen wel doorhebben dat Boelie gekleed is zoals Lambik, maar wie zal zien dat Kroepie de outfit van Jerom draagt?

Kroepie & Boelie Boemboem 4

Kroepie & Boelie Boemboem 4


Pierre Alary over Conan 1
01/08
TOP
Conan
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 114 van mei 2018.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 28
Conan
Over de collectie: "Als adolescent was ik een gretig lezer van neo- en post-gotische Amerikaanse literatuur. Ik was gek op Howard, Lovecraft en anderen die ik verslond in de collectie NéO (naar Nouvelles Editions Oswald, een Franse uitgever van sf-, fantasy-, avonturen-, detective- en pulpromans red.). Daarin ontdekte ik trouwens Solomon Kane en andere personages van Howard voor ik Conan leerde kennen. Op stripgebied was ik weinig gewonnen voor de Conan van Barry-Windsor Smith. Ik verkoos het werk van Buscema voor andere titels. Zodra ik hoorde praten over deze Conan-collectie van Glénat, stelde ik mijn kandidatuur voor. Ik was niet alleen. Het lukte me bij de eerste reeks albums te raken. Dat is altijd raadzaam voor dit soort collectie."

Over spieren: "Probleem: hoe moet je Conan uiterlijk weergeven? Ik heb hem eerst en vooral weer aangekleed met een harnas. De uitgever weigerde dat ik hem een baard gaf, maar niet om hem slecht geschoren te tekenen. Het was ook verboden om hem overdreven gespierd te maken zoals Schwarzy (Arnold Schwarzenegger die Conan vertolkte, red.) die er te opgepompt uitzag. Vandaar de spieren als van een zwemmer."

Over dynamiek: "Het scenario van Jean David Morvan verschafte me een zekere vrijheid. Ik zocht naar een manier om het dynamischer te maken. De verhalen van Conan zijn geen grote literatuur, maar mochten ze wat gewoontjes verteld worden, zou het vervelen. Vandaar de gevarieerde en overladen decoupages. Hier speel ik met achtergronden van het regenwoud of met close-ups van wezens zoals bovenaan de volgende pagina. En ik aarzel niet om sommige platen zoals deze vol te tekenen."

Over prenten: "Ik speel ook graag met prenten op prenten en met de prenten zelf. Hier bijvoorbeeld als een driehoek, iets wat natuurlijk komt van Philippe Druillet. Met dergelijke vondsten hadden zijn platen altijd een grote impact, ook al had hij niet altijd grootse dingen te vertellen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 29
Conan
Over lekkere meiden: "Een ander probleem: de prinses. De meisjes in de comics van Conan zijn altijd weelderige babes. Omdat ik niet de gewoonte heb pin-ups te tekenen, ben ik gaan rondkijken. Ik vond inspiratie bij een Amerikaanse tekenaar, Frank Thorne, die beroemd werd met Red Sonja en van wie Delcourt Iron Devil publiceerde in de collectie Erotix. Hij is een specialist in lekkere meiden met grote monden. Ik heb me erop geïnspireerd, maar zonder overdreven vormen erop na te houden. Nu ja, dat hoop ik."

Over de inkleuring: "Het werk van inkleurder Sedyas geeft er een echte meerwaarde aan. De voorgronden zijn behoorlijk somber en de achtergronden zijn poreus wat ze veel perspectief en diepte geven. Kijk ook goed naar de schaduwen. De vergulde schijn is maar een aanzet van een gouden tint die twee pagina's verder de liefhebbers van Dagobert Duck doet glimlachen."

Over spoed: "Ik had graag meer tijd gekregen, ik weet dat ik dan sommige tekeningen, bouwwerken, perspectieven en zelfs sommige personages nog verder had kunnen uitwerken. Maar daarvoor had ik over acht maanden moeten beschikken zoals ik gewoonlijk aan een album spendeer. Nu moest ik het in amper vier maanden klaren, met spoed. Ik werk op traditionele wijze met papier en penseel en ik bezorg hoogstpersoonlijk mijn platen."

Over het volgende project: "Ik werk nu weer in een realistischer tekenstijl door Retour à Killybegs te verstrippen, het vervolg op Mon Traître van Sorj Chalandon, een verdomd goede reporter die de Prix Albert-Londres kreeg (sinds 1933 een prijs voor de beste Franse journalist, red.). Het wordt opnieuw een album van 144 pagina's. De voorziene verschijning is begin 2019 bij Rue de Sèvres."

TOEKOMST
Te Verschijnen
Op Stapel
TOPPERS
13 x XIII
14-18
De 25 bekendste konijnen
20 jaar Arcadia, 20 topstrips
25 jaar Vrije Vlucht
30 jaar Kiekeboe
49 Kanjers van Oranje
50 jaar De Rode Ridder
60 jaar Nero
70 jaar Kuifje-weekblad
Aantrekkelijkste Heldinnen Top 540
Asterix Top Six
Batmanspecial
BelgenTop 100
De Blauwbloezen Top 49
De Grenzeloze Top 500 (2010)
De Grenzeloze Top 500 (2012)
De Honderd Hoogtepunten van Willy Vandersteen
De Rest van de Wereld Top 50
FransenTop 100
Jaartoppers
Jommeke Top 10
Koppeltjestop 20
Napoleon in de strip
ReeksTop 50
Robbedoes
Schrijvers over Strips
Schurken- & Feeksentop
Star Wars
Suske en Wiske: 70 stroken in 70 dagen
Urbanus Top 15
De Wereld rond Franquin
Westernstrips