Robbedoes Special 1
AFGEROND VERHAAL
DEEL 1 IN CYCLUS VAN DRIE DELEN
Robbedoes Special 1
KLIK
voor andere strips van
Charel Cambré


KLIK
voor andere strips van
Marc Legendre
ROBBEDOES SPECIAL 1
Happy Family

Charel Cambré + Marc Legendre
Dupuis | 48 p. | € 6,95 (SC)
Meneer Dupuis
Krijg nou tieten! Eerst kreeg Wiske borstjes en nu wordt Kwabbernoot een vrouw! Straks gaan Kuifje en Haddock nog trouwen! Deze recensie is nog maar drie zinnen ver en al drie uitroeptekens waard! Nee, vier. De allereerste Vlaamse Robbedoes is ook een uitroepteken op zich: voor het eerst mocht een Vlaams duo zich over de piccolo van Marcinelle ontfermen. En niet het minste duo: met een opgemerkte en gesmaakte make-over op hun conto (Amoras) smeren Charel Cambré en Marc Legendre nu make-up over Kwabbernoot. Maar minder ingrijpend dan we van hen gewend zijn en had gemogen.

Al ruim tien jaar verschijnen bewerkingen 'buiten reeks', waarbij Yoann en Fabien Vehlmann, Frank Le Gall, Fabrice Tarrin en Yann, Émile Bravo, Olivier Schwartz en Yann, Frank Pé en Zidrou, Fabrice Parme en Lewis Trondheim (die in de Kobijn-reeks een voorzet gaf met het Robbedoesiaanse De Deeltjesversneller), Tehem en Pierre Makyo & Toldac en Benoît Feroumont de personages letterlijk naar hun hand zetten, in geslaagde tot minder geslaagde mate. En dan hebben we het nog niet over de door Charles Dupuis persoonlijk geaborteerde halve Robbedoes door Yves Chaland, een pareltje van atoomstijl.

Cambrés vlotte en kundige hand is in Happy Family duidelijk herkenbaar, vooral in zijn Kwabbernoot die een beetje als Lambik beweegt, maar is véél dichter bij de klassieke helden gebleven. En dan vooral dichter bij een Jean-Claude Fournier of Nic Broca dan bij een André Franquin of Janry. Met groot respect voor het rijke verleden en universum van Robbedoes start ook Happy Family in het dorpje dat we zo goed kennen en dat dapper weerstand blijft bieden aan het onheil dat de graaf van Rommelgem geregeld over hen uitroept. In de eerste platen passeren de betweterige burgemeester en zuipschuit meneer Planters en scheuren Robbedoes en Kwabbernoot in hun Tarbot naar het kasteel. Cambré en Legendre bevolken het dorp zelfs met knipoogjes naar Franquin (de waard van Café André, en is dat daar niet juffrouw Jannie? Spot zelf de Marsupilami!). De Vlaamse auteurs hebben er wel, ondanks de slappe arm der wet met een Franse kepie, met gepast chauvinisme een duidelijk Belgisch trekje aan gegeven, met een pakje friet op de grond, een zwart-geel-rode tricolore,... Met dan wel weer een Kramikske in een cameootje wanneer het verhaal zich naar de Franse Rivièra verplaatst.

Robbedoes en een tot mevrouw Robbedoes vermomde Kwabbernoot reizen naar een congres met een levensechte pop — met daarin de recentste grafelijke uitvinding die niet in verkeerde handen mag vallen — terwijl Pancratius zelf opzichtig (maar met een lege koffer) de hebberige buitenlandse mogendheden afleidt. Geen bijster origineel scenario en ruim gelardeerd met flink wat koldereske clichés: de Russische kleerkast, de Chinese gluiperd, de Indiaans sprekende Arabieren in een toeristenbus ("In Westen alles voor geld te koop"), de maffioso in het smetteloos witte pak,... Het lijkt bijwijlen wel een aflevering van F.C. De Kampioenen! Er zijn achtervolgingen (zwierig in beeld gebracht), knok- en valpartijen, mislukte vermommingen en misverstanden met de pop (met snelle korte beentjes), druk gedoe in onderbroek,... De grap met Kwabbernoot in vrouwenkleren wordt echter wat lang gerokt... excuus, gerekt. Meneer Dupuis zou het geweldig gevonden hebben.
KOEN DRIESSENS --- mei 2017